Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Niet nakomen verplichtingen

Onderdeel van Beleidsregels Wet Taaleis gemeente Harlingen 2021

Als de belanghebbende niet voldoet aan de medewerkingsplicht zoals bedoeld in artikel 17, 2e lid van de Participatiewet, dan geldt het maatregelregime van artikel 18 van de Participatiewet en de Afstemmingsverordening Participatiewet, Bbz 2004, IOAW en IOAZ gemeente Harlingen. Onder het niet voldoen aan de medewerkingsplicht wordt verstaan: het niet aanleveren van documenten, waarvan van de belanghebbende verwacht kan worden dat hij die documenten wel kan aanleveren en het niet op komen dagen voor het afnemen van de test met de Taalmeter en/ of de Taaltoets. Belanghebbende wordt binnen uiterlijk 8 weken na uitkomst van de test met de Taalmeter, waaruit blijkt dat hij niet of niet in voldoende mate de vaardigheden in de Nederlandse taal beheerst door het college schriftelijk in kennis gesteld van het redelijk vermoeden dat hij niet of in onvoldoende mate de Nederlandse taal beheerst. De belanghebbende wordt dan in de gelegenheid gesteld om de vaardigheden van de Nederlandse taal alsnog te verwerven of de Taaltoets af te leggen. Belanghebbende wordt binnen uiterlijk 8 weken na uitkomst van de Taaltoets, waaruit blijkt dat hij niet of niet in voldoende mate de vaardigheden in de Nederlandse taal beheerst door het college schriftelijk in kennis gesteld van het redelijk vermoeden dat hij niet of in onvoldoende mate de Nederlandse taal beheerst. De belanghebbende wordt dan in de gelegenheid gesteld om de vaardigheden van de Nederlandse taal alsnog te verwerven. Als de belanghebbende zich bereid heeft verklaard om binnen een maand, na de kennisgeving bedoeld in het derde lid, taalonderwijs te volgen wordt van een verlaging van bijstand afgezien. Eveneens wordt van een verlaging afgezien als de belanghebbende alsnog een document als bedoeld in artikel 2 (van deze beleidsregels) overlegt of als elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. Als de uitkering van de belanghebbende is verlaagd op grond van artikel 18b van de Participatiewet en hij toont aan weer voldoende inspanningen te verrichten om op het gewenste taalniveau te komen, kan het college dit zien als bijzondere omstandigheden van de belanghebbende als bedoeld in artikel 18b, 7e lid, Participatiewet en de verlaging stopzetten. De verlaging stopt dan op de eerste dag van de maand volgend op het moment dat de belanghebbende weer voldoende inspanning verricht om de Nederlandse taal te beheersen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel