Een schuldhulpverleningstraject kan worden beëindigd indien:
belanghebbende niet voldoet aan het genoemde in artikel 2;
b het individuele traject succesvol afgerond is;
c de afgesproken einddatum van de overeenkomst is bereikt;
d belanghebbende schriftelijk verzoekt om beeindiging;
e belanghebbende is overleden;
f niet wordt voldaan aan de verplichtingen genoemd in artikel 5.
g belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers, belast met de werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt;
h belanghebbende frauduleuze handelingen verricht tijdens het schuldhulpverleningstraject;
i er sprake is van andere vormen van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid.
2 Indien er sprake is van meervoudige problematiek bij belanghebbende wordt, voordat het schuldhulpverleningstraject wordt beeindigd, overleg gepleegd met betrokken zorginstellingen.