Het college draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na een verwijzing door de huisarts, medisch specialist of jeugdarts naar een jeugdhulpaanbieder, voor zover de jeugdhulpaanbieder door de gemeente gecontracteerd is en de jeugdhulpaanbieder van oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig is.
Het college spreekt met de huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten het uitgangspunt af dat indien er geen sprake is van verwijzing naar jeugdhulp op medische gronden, de huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten, ouders en jeugdigen in contact brengen met de gemeentelijke toegang tot jeugdhulp.
Wanneer een jeugdige of zijn ouders zich bij een aanbieder meldt met een verwijzing van een medisch verwijzer, dan meldt de aanbieder dit voordat hij de jeugdhulp start, bij de gemeentelijke toegang.
Tussen de aanbieder en het college is afstemming met betrekking tot:
het woonplaatsbeginsel,
contract met de jeugdhulpaanbieder,
de productcategorie en/of productcode,
de eenheid/frequentie,
leeftijd van de jeugdige,
de relatie met reeds toegewezen jeugdhulp,
de termijn voor jeugdhulp en evaluatiemoment(en) bepaald.
De jeugdhulpaanbieder kan namens en met toestemming van de jeugdige of zijn ouders eenmalig een met redenen omklede verlenging van de verstrekte voorziening in natura aanvragen bij het college.
Het college legt de inzet van de betreffende jeugdhulp door een jeugdhulpaanbieder na een verwijzing genoemd in het eerste lid van dit artikel vast in een beschikking als bedoeld in artikel 8.
Artikel 3.
Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist of jeugdarts
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Sluis 2021