Naar hoofdinhoud
1.. Bij een ontoereikend budget voor het aangaan van de nodige verplichtingen en/of het doen van de nodige uitgaven doet de budgethouder een voorstel voor een begrotingswijziging. 2.. De budgethouder is bevoegd tot het accorderen van wijzigingen binnen een specifiek aan hem toegekend budget (verschuiving tussen kostensoorten binnen een kostenplaats) mits daarmee de te behalen resultaten en doelstellingen niet in het geding komen. 3.. In de volgende gevallen is geen verschuiving toegestaan: budgetten benodigd voor de bekostiging van rechtspositionele verplichtingen op grond van de cao gemeenteambtenaren en uitvoeringsregelingen kunnen niet voor andere doeleinden worden aangewend; geldelijke middelen, ter uitvoering van specifieke wetten en regelingen, kunnen niet voor andere doeleinden aangewend worden; er vindt geen verschuiving plaats tussen personele en materiële budgetten; de verschuiving heeft geen betrekking op kapitaallasten; er vindt geen omwisseling van investeringslasten en exploitatielasten plaats; er vindt geen verschuiving plaats met andere kostensoorten naar subsidies. 4.. Mee- en tegenvallers op algemene inkomsten komen ten gunste/laste van de algemene middelen (i.c. het begrotingssaldo).

Rechtspraak bij dit artikel