Naar hoofdinhoud
In deze Verordening wordt verstaan onder: aangewezen organisatie: de door het college aangewezen organisatie die namens het college een aantal taken uitvoert ten behoeve van de afhandeling van de subsidie peuteropvang (waaronder de inkomenstoets), de subsidie voor de 2 dagdelen peuteropvang VVE, de subsidie voor elke gerealiseerde peuterplek VVE en de subsidie "toeslag maximaal uurtarief", inclusief de verantwoording; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Smallingerland; aanbieder: de rechtspersoon aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet toebehoort, waarbij onder 'onderneming' wordt begrepen een in Smallingerland gevestigde, in het LRK geregistreerd kinderdagverblijf, waar peuteropvang wordt aangeboden, die aan de (kwaliteits)eisen van de gemeente Smallingerland voldoet; inkomensverklaring: de officiële verklaring van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar (voorheen IB60 formulier of bekend als Verklaring Geregistreerd Inkomen); kinderopvangtoeslag: inkomensafhankelijke bijdrage van de rijksoverheid in de kosten van kinderopvang dat onder de Wet kinderopvang valt voor werkende en studerende ouders, uitbetaald door de belastingdienst; LRK: het Landelijk Register Kinderopvang waarin aanbieders van peuteropvang zijn opgenomen die voldoen aan de Wet kinderopvang (Wko); maximum uurprijs: de door de rijksoverheid jaarlijks vast te stellen uurprijs voor kinderopvang die mede als basis dient voor de berekening van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage; ouderbijdrage of eigen bijdrage: inkomensafhankelijke eigen bijdrage per maand die ouders moeten betalen voor de afname van een peuterplek voor hun peuter; ouders: ouders(s) of verzorger(s) van de peuter; ouderbijdragetabel: de door de VNG vastgestelde Adviestabel ouderbijdragen peuterwerk; peuter: in de gemeente Smallingerland ingeschreven kind van 2 tot 4 jaar; peuteropvang, ook aangeduid met 'reguliere peuteropvang': opvang voor peuters door de aanbieder(s) in Smallingerland die zijn opgenomen in het LRK, bestaande uit minimaal 6 uur per week en maximaal 8 uur per week, verspreid over 2 dagen, gedurende maximaal 40 weken per jaar; doelgroeppeuter VVE: peuter die op grond van een indicatie van de Jeugdgezondheidszorg (verder aangeduid als Jgz) in aanmerking komt voor peuteropvang VVE; peuteropvang VVE: peuteropvang voor doelgroeppeuters VVE vanaf 2,5 jaar. Peuteropvang VVE bestaat in totaal uit maximaal 16 uur per week, gedurende maximaal 40 weken per jaar en bevat activiteiten gericht op het stimuleren van de ontwikkelingsdomeinen taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotioneel. De 16 uren per week worden idealiter verspreid over 4 – 5 werkdagen; subsidie peuteropvang: de subsidie die het college aan de ouders beschikbaar stelt voor peuteropvang (exclusief de inkomensafhankelijke ouderbijdrage) en die via de aangewezen organisatie aan de aanbieder(s) uitbetaald wordt; subsidie peuteropvang VVE: de subsidie die het college aan de aanbieder beschikbaar stelt voor de uitvoering van peuteropvang VVE, zoals omschreven in dit artikel onder 'n' en die via de aangewezen organisatie wordt uitbetaald; subsidie peuteropvangplek VVE: de subsidie die het college aan de aanbieders beschikbaar stelt per gerealiseerde peuteropvangplek VVE per jaar en die via de aangewezen organisatie wordt uitbetaald; subsidie "toeslag maximaal uurtarief": de subsidie die het college aan aanbieders beschikbaar kan stellen die alleen peuteropvang aanbieden en die via de aangewezen organisatie wordt uitbetaald; VVE-aanbod: het aanbod voor -en vroegschoolse educatie voor doelgroeppeuters VVE gericht op het bestrijden van (taal)ontwikkelingsachterstanden door de inzet van een VVE programma; VVE registratie: een registratie in het LRK waaruit blijkt dat de aanbieder voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen voor het aanbieden van VVE.

Rechtspraak bij dit artikel