**1..** De artikelen 345 tot en met 347 van de bouwverordening zijn van overeenkomstige toepassing op zomerhuizen.
**2..** Een gebouw, laatstelijk niet of wederrechtelijk als recreatiewoonverblijf gebezigd, mag slechts als recreatiewoonverblijf in gebruik worden gegeven of genomen indien:
het gebouw niet in strijd is met de voorschriften voor recreatiewoonverblijven van de hoofdstukken 4 en 5 van de verordening op de recreatiewoonverblijven, zulks onder inachtneming van nadere regelen, nadere eisen en vrijstellingen.
het gebruik als recreatiewoonverblijf niet in strijd is met een bestemmingsplan of de krachtens zodanig plan gestelde eisen.
**3..** De artikelen 350, 351, 352, 355, 356, 358, 361, 363, 364 en 366 tot en met 371 van de bouwverordening zijn van overeenkomstige toepassing op recreatiewoonverblijven.
HOOFDSTUK 9
Artikel 114