Naar hoofdinhoud
1.. Tot een zomerhuis moeten ten minste behoren: een kamer; een afzonderlijk privaat; een afzonderlijke badruimte, waaronder mede wordt verstaan een douche­ ruimte; een aanrecht met gootsteen; een vaste opstelplaats voor kooktoestellen; voldoende kastruimte; een bergplaats geschikt voor huishoudelijke voorwerpen en fietsen. 2.. Een privaat zonder waterspoeling mag alleen buitenshuis of vanuit een berg­ plaats, als bedoeld in lid 1, onder g, toegankelijk zijn. 3.. Een opstelplaats voor kooktoestellen mag niet in een slaapruimte, een privaat of een badruimte aanwezig zijn. 4.. De in lid 1, onder g, bedoelde bergplaats mag, indien hij tevens geschikt is voor het stallen van een auto, niet rechtstreeks vanuit het zomerhuis toegankelijk zijn. 5.. Niet van toepassing Is het bepaalde in lid 1, onder c, voor zomerhuizen op een gemeenschappelijk terrein, indien op dat terrein een deugdelijke centrale badgelegenheid van voldoende capaciteit aanwezig is. 6.. Niet van toepassing is het bepaalde in lid 1, onder g, voor zomerhuizen op een gemeenschappelijk terrein, indien op dat terrein een doeltreffende centrale berggelegenheid voor fietsen, kinderwagens e.d. aanwezig is. 7.. Vrijstelling kan worden verleend van het bepaalde in lid 1, onder b en c, voor het combineren van een privaat en een badruimte.

Rechtspraak bij dit artikel