**1..** Buitenwanden van zomerhuizen moeten een voldoende brandveiligheid bezitten. Aan dit voorschrift wordt geacht te zijn voldaan, indien de richtlijnen van NEN3152, uitgave 1966, onder 4.1, in acht zijn genomen. Voor de bepaling van de brandveiligheid van zomerhuizen blijft de aanwezigheid van de bij een zomerhuis behorende bergplaats buiten beschouwing.
**2..** Buitenwanden van bij zomerhuizen behorende bergplaatsen, die niet geschikt zijn voor het stallen van auto’s, moeten een voldoende brandveiligheid bezitten. Aan dit voorschrift wordt geacht te zijn voldaan indien de richtlijnen van NEN3152, uitgave 1966, onder 4,1, in acht zijn genomen.
**3..** Buitenwanden van bergplaatsen, die geschikt zijn voor het stallen van auto’s, moeten een voldoende brandveiligheid bezitten. Aan dit voorschrift wordt geacht te zijn voldaan, indien de richtlijnen van NEN 3152, uitgave 1966, onder 4.17, In acht zijn genomen.
**4..** Nadere eisen kunnen worden gesteld ten aanzien van de brandveiligheid van buitenwanden van zomerhuizen en daarbij behorende bergplaatsen, indien gemakkelijk ontvlambare, opgaande begroeiing op een geringere afstand dan 10 m van het zomerhuis of de bergplaats aanwezig is.
HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 3:
Artikel 76