Naar hoofdinhoud
1.. Voor mensen toegankelijke ruimten van zomerhuizen moeten zijn voorzien van een doeltreffende vloerconstructie. 2.. Vloeren van voor mensen toegankelijke ruimten van zomerhuizen, welke vloeren niet meer dan 50cm boven peil zijn gelegen en waaronder zich geen kelder of bodemafsluiting bevindt, moet voldoende vochtwerend zijn. Vloeren die onmiddellijk op de grondslag zijn aangebracht moeten daarvan zijn gescheiden door een vochtafsluitende laag. 3.. Vloeren van zomerhuizen boven ruimten bestemd voor het verblijf van mensen moeten voldoende stofdicht zijn. 4.. Behoudens het bepaalde in lid 5, moeten verdiepingsvloeren van zomerhuizen een brandwerendheid van tenminste 20 minuten bezitten. De vloer van een voor mensen toegankelijke zolder met een grootste hoogte van meer dan 1,5m wordt bij de toepassing van voorgaande bepaling als verdiepingsvloer aangemerkt. 5.. Vloeren van zomerhuizen boven een bergplaats die geschikt is voor het stallen van een auto of boven een botenstalling, moeten een brandwerendheid bezitten van tenminste 30 minuten. 6.. Niet van toepassing is het bepaalde in de leden 1 en 2 van dit artikel op vloeren en bergplaatsen.

Rechtspraak bij dit artikel