Ten aanzien van de constructie van zomerhuizen en daartoe behorende bergplaatsen zijn van de bouwverordening van overeenkomstige toepassing voor wat betreft:
deuren en ramen: de artikelen 199, 202, lid 3, met toevoeging aan dit lid van de woorden ‘indien hinder voor de weggebruikers is te duchten’ en 203;
trappen: de artikelen 204, 205, 206 onder a, 207, lid 1 onder c en 210;
rookkanalen en schoorstenen: de artikelen 211 t/m 216;
gasafvoerkanalen: de artikelen 218 t/m 224.
HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 6:
Artikel 94