**1..** Het horen van jeugdigen als bedoeld in artikel 12 van het Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK), die belanghebbende zijn bij een procedure die voortvloeit uit de Jeugdwet of een procedure op grond van de Wet tijdelijk huisverbod, gebeurt door een deskundige. Dit kan een persoon zijn die geen lid is van de commissie.
**2..** De deskundige heeft een specifieke opleiding gevolgd voor het horen van kinderen.
**3..** Bij het horen is enkel de persoon aanwezig die hoort en de jeugdige die gehoord wordt. De jeugdige kan zich laten bijstaan.
**4..** De jeugdige wordt vooraf op correcte wijze geïnformeerd over de procedure en wordt zoveel mogelijk op zijn of haar gemak gesteld.
**5..** De deskundige brengt een schriftelijk verslag uit aan de commissie. Het verslag van het horen is primair bestemd voor de voorzitter en de leden van de commissie. De commissie stelt de betrokken partijen door een korte en zakelijke weergave op de hoogte van hetgeen de jeugdige heeft verklaard, uitsluitend indien de jeugdige daarmee vooraf heeft ingestemd. De jeugdige krijgt voldoende tijd om het verslag te bestuderen.