Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf

Artikel 2:25

Evenementenvergunning

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening De Bilt 2021

1.. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2.. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd. 3.. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, als de organisator ten minste 10 werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. 4.. De burgemeester kan binnen 5 werkdagen na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 5.. Het verbod is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994. 6.. Een aanvraag om een vergunning ten behoeve van: een groot evenement dient uiterlijk zes maanden voor aanvang van het groot evenement te worden ingediend en tevens vóór 1 november van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het evenement gepland staat te worden aangemeld bij de burgemeester, dit in afwijking van artikel 1:8, tweede lid in verband met de benodigde voorbereidingstijd. een ander evenement dient uiterlijk acht weken voor aanvang van dat evenement te worden ingediend, dit in afwijking van artikel 1:8, tweede lid in verband met de benodigde voorbereidingstijd. 7.. In afwijking van de in artikel 1:2 genoemde beslissingstermijn besluit de burgemeester om de aanvraag voor een vergunning voor een groot evenement binnen zes maanden na de dag waarop de aanvraag ontvangen is. De burgemeester kan deze termijn verlengen met twaalf weken. 8.. De burgemeester kan aan de vergunning voorschriften en beperkingen verbinden met het oog op de in artikel 1:8 bedoelde belangen en ter verzekering van de nakoming van deze voorschriften en beperkingen in de vergunning bepalen dat een waarborgsom moet worden betaald voordat het evenement wordt gehouden. 9.. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van in enig opzicht van slecht levensgedrag is. 10.. In verband met de bescherming van de belangen genoemd in artikel 1:4 en artikel 1:8 is het verboden om op een evenementlocatie als wel binnen een afstand van 250 meter van een evenementlocatie ballonnen, wenskaarsen en/of soortgelijke objecten op te laten of deze handelingen als organisator van het evenement toe te laten. 11.. In verband met de bescherming van de belangen genoemd in artikel 1:4 en artikel 1:8 is het verboden om op een evenementlocatie als wel binnen een afstand van 250 meter van een evenementlocatie lachgas bij zich te hebben, dit te verhandelen en/of te gebruiken of deze handelingen als organisator van het evenement toe te laten. 12.. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel