**1..** De subsidie wordt aangevraagd door de houder van een geregistreerd kindercentrum dat peuteropvang en/of VVE aanbiedt.
**2..** De aanvraag wordt vóór 1 juni voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betreft ingediend. Indien de prognose van deelnemende peuters per 1 oktober van het jaar van aanvraag substantieel afwijkt van de aantallen die bij de subsidieaanvraag zijn gehanteerd kan de aanvrager in overleg treden met de gemeente om de aanvraag bij te stellen.
**3..** Onverminderd artikel 6 van de ASV bevat de subsidieaanvraag:
het nummer waaronder het geregistreerd kindercentrum in het LRK geregistreerd staat;
een prognose van het aantal op te vangen peuters in het volgende kalenderjaar;
voor subsidie op grond van het bepaalde in artikel 3.3 a t/m c een onderverdeling waaruit blijkt:
het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;
het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;
het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;
het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;
**4..** De houder van het geregistreerd kindercentrum vraagt subsidie op grond van de componenten in artikel 3.3 a t/m c aan met een door het college vastgesteld aanvraagformulier.
Wanneer de houder van het kindercentrum ook in aanmerking wenst te komen voor de aanvullende kleinschaligheidstoeslag wordt dat in de toelichtingsruimte op het aanvraagformulier aangegeven. Aan het aanvraagformulier wordt een separate schriftelijke aanvraag voor kleinschaligheidstoeslag met inhoudelijke onderbouwing toegevoegd. Bij die onderbouwing wordt (een geactualiseerde versie van) het expertmodel kostprijzen peuteropvang van de MO groep gebruikt.
Voor het aanvragen van de maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang dient de houder van het geregistreerd kindercentrum een schriftelijke aanvraag in met inhoudelijke onderbouwing. Omdat de maatwerkvoorziening is gekoppeld aan het aantal te bedienen VVE-geïndiceerde peuters dient hierbij in ieder geval het aantal fulltime VVE-plaatsen dat men in het aankomende jaar wil realiseren te worden vermeld, inclusief onderbouwing van dit aantal.