Naar hoofdinhoud
Algemeen Hieronder wordt per urgentiecategorie aangegeven welke documenten en bewijsstukken moeten worden meegestuurd bij de urgentieaanvraag. Verlenen of ontvangen van mantelzorg Bij de aanvraag mee te sturen documenten en bewijsstukken: Een document waaruit blijkt dat de mantelzorgontvanger recht heeft op een verstrekking vanuit de Wet langdurige zorg of de Wet maatschappelijke ondersteuning of een WMO indicatie of een CIZ indicatie; Mantelzorgverlener toont aan dat hij/zij minimaal 8 uur per week besteedt aan het bieden van mantelzorg; Aanvrager toont aan dat het aannemelijk is dat de mantelzorgrelatie langer dan 1 jaar intact blijft; De huidige reistijd tussen de mantelzorgontvanger en de mantelzorgverlener is minimaal 30 minuten met de auto (snelste route volgens ANWB routeplanner) of openbaar vervoer. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris; De urgentiefunctionaris wijst aanvrager erop dat hij/zij bewijsstukken moet meesturen met zijn/haar aanvraag; De aanvrager verstuurt zijn/haar aanvraag met bijlagen naar de urgentiefunctionaris; De urgentiefunctionaris legt de aanvraag ter beoordeling voor aan de urgentiecommissie. Ontvluchten van huiselijk geweld Bij de aanvraag mee te sturen bewijsstukken en documenten: Bewijs van aangifte bij de politie van huiselijk geweld. Medische verklaring van een (huis)arts of GGD dat er sprake is van huiselijk geweld. Schriftelijke verklaringen van Veilig thuis, wijkteam of WMO waaruit blijkt dat er sprake is van huiselijk geweld. Bewijs van verblijf als bedoeld in artikel 12 lid 3 Huisvestingswet 2014. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris. De urgentiefunctionaris wijst erop dat aanvrager bewijsstukken mee moet sturen met zijn aanvraag. De aanvrager levert bijlagen aan bij de urgentiefunctionaris. De urgentiefunctionaris beoordeelt of de aangeleverde bewijsstukken voldoende overtuigend zijn. De urgentiefunctionaris legt de aanvraag ter beoordeling voor aan de urgentiecommissie. Onbewoonbaar verklaarde woning Bij de aanvraag mee te sturen bewijsstukken en documenten: Een rapport van politie, brandweer, verzekering of gemeente. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris; De urgentiefunctionaris wijst op de bewijsstukken die moeten worden meegestuurd met zijn urgentieaanvraag; De urgentiefunctionaris checkt of voldoende bewijsstukken zijn aangeleverd. De urgentiefunctionaris legt de aanvraag ter beoordeling voor aan de urgentiecommissie. Financiële problematiek Bij de aanvraag mee te sturen bewijsstukken en documenten: Aanvrager toont aan dat de woonlasten (huur of hypotheeklasten) zodanig hoog zijn dat het besteedbare inkomen na aftrek van de woonlasten lager is dan het bedrag dat resteert als de normhuur als bedoeld in artikel 17 lid 2 van de Wet op de huurtoeslag wordt afgetrokken van de bijstandsnorm die voor aanvrager geldt c.q. voor zijn/haar situatie zou gelden of aanvrager toont aan dat hij/zij recht heeft op een woonkostentoeslag; Aanvrager maakt daarnaast met bewijsstukken aannemelijk dat de betaalbaarheidsproblemen door een niet-verwijtbaar en onvoorziene inkomensdaling zijn ontstaan. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris. De urgentiefunctionaris wijst de aanvrager op de bewijsstukken die hij/zij aan moet leveren. De urgentiefunctionaris checkt of de bewijsstukken zijn aangeleverd. De urgentiefunctionaris legt de aanvraag ter beoordeling voor aan de urgentiecommissie. Medische en/of psychische problematiek Bij de aanvraag mee te sturen bewijsstukken en documenten: Verklaring van een medisch specialist waaruit blijkt dat de huidige woonsituatie leidt tot een ernstig risico voor de veiligheid, gezondheid of het functioneren van een gezinslid met medische of psychische problematiek; Het is op basis van de verklaring van de medisch specialist aannemelijk te achten dat de fysieke beperkingen of gezondheidsproblemen zich langer dan 1 jaar manifesteren; Aanvrager kan aantonen dat hij/zij heeft onderzocht of een woningaanpassing of voorziening de situatie kan verbeteren en kan beargumenteren waarom dat geen realistische oplossing is; Aanvrager kan aantonen dat de reisafstand en/of de beschikbare wijze van vervoer tussen de huidige woning en de voorziening in de samenwerkende gemeenten Hattem, Heerde, Epe, voor zorg- of hulpverlening waar aanvrager of een gezinslid op is aangewezen, een onaanvaardbare belasting in termen van medisch risico, reistijd en/of kosten tot gevolg heeft; Aanvrager kan aannemelijk maken dat langer dan een jaar van de bedoelde voorziening gebruik wordt gemaakt; Aanvrager kan aannemelijk maken dat er geen andere reële oplossing voor het probleem is. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris. De urgentiefunctionaris geeft aan welke documenten moeten worden aangeleverd. De aanvrager levert de bedoelde documenten aan. De urgentiefunctionaris controleert of benodigde documenten zijn aangeleverd. De urgentiefunctionaris stuurt de aanvraag naar de urgentiecommissie. Bij twijfel in bijzondere en complexe gevallen kan de urgentiecommissie bij de urgentiefunctionaris gemotiveerd aangeven dat de aangeleverde bewijsstukken onvoldoende zijn en verzoeken om aanvullend advies en/of aanvullende stukken. Hierbij wordt duidelijk aangegeven welke informatie precies ontbreekt. De urgentiefunctionaris informeert aanvrager dat aanvullende advies of aanvullende stukken noodzakelijk zijn. De aanvrager neemt contact op met WMO bij de gemeente. WMO beoordeelt of kan worden volstaan met aanvullende informatie van de eigen medisch specialist van de aanvrager of dat WMO zelf een onafhankelijk advies moet aanvragen. De urgentiefunctionaris stuurt de aanvraag met bijlagen naar de urgentiecommissie. Scheiding of relatiebreuk waarbij kinderen betrokken zijn Er kan alleen urgentie aangevraagd worden als aanvrager is belast met de zorg voor een of meer kinderen beneden de leeftijd van 21 jaar. De aanvrager moet bewijsstukken aanleveren voor: Relatieverbreking; Het feit dat kinderen bij hem/haar wonen. De bij de aanvraag mee te sturen bewijsstukken en documenten staan hieronder per relatievorm vermeld. Bij een urgentieverzoek in het kader van relatieverbreking met thuiswonende kinderen dient bij voorkeur een echtscheidingsconvenant te worden overgelegd plus één of meer van de andere hierna genoemde documenten. Bij het beëindigen van een huwelijk: Een gezamenlijk echtscheidingsverzoek; Dan wel een eenzijdig echtscheidingsverzoek; Een beschikking van de rechtbank, waarmee het huwelijk definitief ontbonden is; Inschrijving van beëindiging huwelijk bij de burgerlijke stand. Bij het beëindigen van een geregistreerd partnerschap: Een formele overeenkomst tot beëindiging van het partnerschap; Dan wel een eenzijdig verzoek aan de rechter tot ontbinding van het partnerschap; Een beschikking van de rechtbank, waarmee het partnerschap definitief ontbonden is en inschrijving van beëindiging bij de burgerlijke stand. Bij het beëindigen van een relatie op basis van een samenlevingsovereenkomst: Een formele overeenkomst tot beëindiging van de samenlevingsovereenkomst; Dan wel een formele eenzijdige opzegging van de samenlevingsovereenkomst. Bij het beëindigen van een samenwoonrelatie waarbij niets formeel geregeld is: Waar niets formeel verbonden is valt er ook niets te ontbinden. Bij het aanvragen van een urgentieverklaring zal informatie verschaft moeten worden over de manier waarop de relatie was vormgegeven, hoe de relatie ontbonden wordt en hoe de gevolgen daarvan geregeld worden. Dit kan plaats vinden door overlegging van een geformaliseerd document, waarin het volgende is vastgelegd: De aanvangsdatum van het samenwonen, blijkend uit een BRP-uittreksel; De regeling omtrent verblijfplaatsen zorgverdeling van kinderen, uitgedrukt in exacte tijden; Een regeling omtrent verdeling van gezamenlijk onroerend goed en eventueel ander gezamenlijk vermogen; Bij bewoning van een huurwoning informatie over de positie van de beide partners in de huurovereenkomst, om te kunnen vaststellen of eventueel het huurrecht geclaimd zou kunnen worden; De ontbinding van de relatie. Onder "geformaliseerd document" wordt verstaan: een notariële akte dan wel een vaststellingsovereenkomst, opgemaakt ten overstaan van een notaris of advocaat, ondertekend door beide partners en meeondertekend door de notaris c.q. advocaat. Slechts in zeer uitzonderlijke situaties kan volstaan worden met een eenzijdige ondertekening. De reden hiervoor moet aan de hand van geobjectiveerde informatie aangeleverd worden, b.v. voormalige partner verblijft in het buitenland of een contact met de voormalige partner levert ernstig gevaar op voor de aanvrager of voormalige partner is met onbekende bestemming vertrokken. Voor personen komend uit een onzelfstandige woonsituatie (thuissituatie of kamerbewoning) zal de eis gesteld worden dat het samenwonen tenminste twee jaar moet hebben geduurd om erkend te kunnen worden als een samenwoning die eventueel recht geeft op urgentie bij het beëindigen van die samenwoning. Verblijf Aanvrager kan aantonen dat één of meer kinderen het verblijf bij hem/haar zal/zullen hebben Dit zal altijd door middel van een formeel document moeten worden aangetoond. (b.v. convenant, overeenkomst beëindiging geregistreerd partnerschap, overeenkomst beëindiging samenlevingsovereenkomst, verklaring beëindiging samenwoning). Ouderlijke zorg voor minstens 50% Aanvrager kan aantonen dat hij/zij voor één of meer kinderen de ouderlijke zorg heeft voor minstens 50% . Dit moet worden aangetoond door middel van een officieel document (zie hierboven). Eigen verklaringen hierover zijn niet toereikend. Er kan slechts aan één van de beide ex-partners urgentie worden verleend. Indien beide ex-partners urgentie aanvragen, besluit de urgentiecommissie op basis van de haar beschikbare informatie aan wie van hen urgentie kan worden verleend. Verkoop onroerend goed en waarde ervan Om inzicht te krijgen in de financiële (on-)redzaamheid van de aanvrager in het geval van verbreking van een duurzaam gemeenschappelijke huishouding zal informatie moeten worden aangeleverd over de vermogenssituatie na de echtscheiding c.q. beëindiging van het geregistreerd partnerschap c.q. beëindiging van de samenlevingsovereenkomst c.q. samenwoonrelatie. De eerder genoemde documenten zullen daarom altijd een bepaling moeten bevatten over de manier waarop het gemeenschappelijk eigendom wordt verdeeld. Dat geldt met name wanneer het over onroerend goed gaat. Er zal betrouwbare informatie moeten worden overgelegd om te kunnen bepalen of er zoveel vermogen aanwezig is dat op grond daarvan een gevraagde urgentie zou moeten worden geweigerd. Een eigen waardetoekenning door de partners zelf is in dat verband onvoldoende. Een eventuele WOZ-beschikking geeft een indicatie voor de reële marktwaarde van het betreffende onroerend goed. Meer betrouwbare informatie is te vinden in: Een recent taxatierapport (niet ouder dan één jaar); Een verkoopopdracht aan makelaar. In deze opdracht staat de vraagprijs waarvoor de makelaar het betreffende onroerend goed zal proberen te verkopen. Wellicht zal de vraagprijs iets boven de verwachte opbrengst liggen; Een verkoopovereenkomst. In deze overeenkomst wordt de gerealiseerde opbrengst vermeld. Dit kan een z.g. voorlopige koopovereenkomst zijn ofwel een notariële transportakte; Een hypotheekakte en saldo-informatie. Saldo-informatie is in ieder geval te vinden in de laatste jaaropgave die de hypotheeknemer jaarlijks verstrekt t.b.v. de belastingaangifte. Uit vergelijking tussen de waarde en de resterende hypothecaire belasting resulteert een eventuele overwaarde. Werkproces: De aanvrager meldt zich bij de urgentiefunctionaris. De urgentiefunctionaris geeft aan welke documenten moeten worden aangeleverd. De aanvrager levert de bedoelde documenten aan. De urgentiefunctionaris controleert of benodigde documenten zijn aangeleverd. De urgentiefunctionaris stuurt de aanvraag naar de urgentiecommissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel