Naar hoofdinhoud
1.. Naast het gestelde in artikel 2, eerste lid ten aanzien van voorliggende voorzieningen, weigert het college een recht op een tegemoetkoming op basis van deze regeling toe te kennen als: de aanvraag niet via het vastgestelde aanvraagformulier is ingediend, de aanvraag onvolledig is en/of onjuist is ingevuld en de aanvrager de aanvraag niet tijdig completeert; het kindercentrum waar de opvang plaatsvindt niet is opgenomen in het LRK; de geboden opvang bewezen niet aan de kwaliteitseisen van de wet voldoet; de opvang plaatsvindt bij een gastouder. 2.. Kosten waarvoor geen tegemoetkoming op grond van deze regeling wordt verstrekt, zijn: de eigen bijdrage die analoog aan de berekeningsgrondslagen van de Belastingdienst wordt bepaald aan de hand van het te toetsen inkomen van de ouder(s); de vervoerskosten naar en van de locatie waar de opvang plaatsvindt; de meerkosten van het uurtarief als de opvangorganisatie voor de opvang uurtarieven rekent die liggen boven de maximum tarieven die de belastingdienst voor kinderopvang-tegemoetkomingen hanteert; de kosten van de opvang die al heeft plaatsgevonden vóórdat de aanvraag voor een tegemoetkoming is ingediend; de kosten van opvang waarvoor een indicatie nodig is, in de omstandigheid dat de indicatie verlopen is en door de ouder geen herziening van de indicatie is aangevraagd; een en ander in die gevallen waarbij het verwijtbaar aan de ouder is toe te schrijven dat geen nieuwe of gewijzigde indicatie tot stand is gekomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel