Naar hoofdinhoud
Dit is de belangrijkste functie van het eigen vermogen. Met name de algemene reserves (m.n. de nieuw gevormde reserve weerstandsvermogen) dienen als bufferfunctie voor het opvangen van eventuele onvoorziene uitgaven (incidenteel) waarmee in de planning geen rekening is gehouden en die noodzakelijkerwijs dienen plaats te vinden. Hierbij kan men denken aan: Financiële risico's waarvoor geen bestemmingsreserves of voorzieningen zijn gevormd, of waarvoor elders in de begroting geen financiële middelen zijn gereserveerd, omdat er nog geen getrouwe kwantificering van de risico's kan plaatsvinden; Het opvangen van eventuele jaarrekeningtekorten; Het opvangen van een (deel van) eventueel begrotingstekort. Voor de bepaling van de omvang van de hierboven genoemde risico's bestaan geen landelijke richtlijnen. Voor de berekening van de minimale hoogte van de buffer worden in de praktijk diverse criteria gehanteerd. Voorbeelden hiervan zijn een bedrag per inwoner, een percentage van de algemene uitkering of een percentage van de totale gemeentelijke exploitatie. Doordat er geen echte richtlijnen zijn gaan gemeenten verschillend om met de bepaling van de minimale omvang van de buffer. In de nota risicomanagement wordt ingegaan op de gewenste hoogte van de algemene reserves als buffer voor het opvangen van financiële risico’s.

Rechtspraak bij dit artikel