Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.

Programmabegroting en -indeling

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Gooise Meren 2021

Jaarlijks wordt door het college de programmabegroting aangeboden aan de gemeenteraad. De begroting is ingedeeld overeenkomstig de voorgeschreven indeling in het Besluit Begroting en Verantwoording. Bij het vaststellen van de begroting, stelt de raad tevens de programma-indeling vast. De raad stelt jaarlijks, op voorstel van het college, per programma vast: de speerpunten van het beleid, de ambities, de beleidsdoelen en de aan deze doelen gekoppelde criteria; de indicatoren, waaronder de indicatoren bedoeld in artikel 25 lid 2a van het BBV, waarmee de beleidsdoelen worden gemonitord; de baten en lasten. Bij de uiteenzetting van de financiële positie wordt: inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming en de investeringen; van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven; In de begroting wordt een post onvoorzien van € 50.000 opgenomen voor zaken die onvermijdbaar, onvoorzienbaar en onuitstelbaar zijn. In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma, worden per programma tenminste de posten groter dan € 70.000 gespecificeerd, en kunnen de overige posten als een totaalbedrag worden opgenomen. Voor de in het overzicht opgenomen gespecificeerde posten wordt een toelichting gegeven. De raad kan, naast de verplichte paragrafen, extra paragrafen in de begroting en jaarrekening opnemen over onderwerpen waarover hij wil worden geïnformeerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel