Het is een inrichting toegestaan maximaal 6 incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19, 219a en 2.20 van het Activiteitenbesluit milieubeheer en artikel 4:5 van deze verordening niet van toepassing zijn mits de houder van de inrichting ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit daarvan melding heeft gedaan aan het college.
Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 6 dagen of dagdelen per kalenderjaar in verband met de viering van incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel 3.148 lid 1 van het Activiteitenbesluit niet van toepassing is mits de houder van de inrichting ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit daarvan melding heeft gedaan aan het college.
Het college stelt een formulier vast voor het doen van een melding.
De melding wordt geacht te zijn gedaan wanneer het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.
De melding wordt geacht te zijn gedaan wanneer het college op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond toestaat.
Tijdens een incidentele festiviteit mag het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT) als gevolg van de inrichting, gemeten invallend op de gevel van gevoelige gebouwen op een hoogte van 1.5 meter, niet meer bedragen dan 60 dB(A). Toeslagen voor de aard van het geluid, de meteo-correctieterm en de bedrijfsduurcorrectieterm alsmede de meteoraamcondities worden buiten beschouwing gelaten.
Tijdens een incidentele festiviteit mag het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT) als gevolg van de inrichting, gemeten binnen in- of aanpandige woningen van derden, niet meer bedragen dan 50 dB(A). Toeslagen voor de aard van het geluid en de bedrijfsduurcorrectieterm worden buiten beschouwing gelaten.
De geluidswaarde als bedoeld in het zesde en zevende lid is inclusief onversterkte muziek.
Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a,2.19, 2.19a en 2.20 van het Activiteitenbesluit wet milieubeheer en artikel 4:5 van deze verordening - pas na 11.00 uur gestart en uiterlijk om 24.00 uur beëindigd. In afwijking hiervan mag voor een festiviteit die aanvangt op een vrijdag of een zaterdag een eindtijd aangehouden worden van uiterlijk 01.00 uur. Dit geldt eveneens voor de in lid 2 genoemde mogelijkheid om de verlichting langer in werking te houden. (Tijdens de festiviteit van zondag tot en met donderdag 24.00 uur en op vrijdag of zaterdag is de eindtijd 01.00 uur).
De geluidsnorm als bedoeld in het zesde en zevende lid geldt voor het bebouwde gedeelte van de inrichting en niet voor de buitenruimte. Voor het ten gehore brengen van muziek in de buitenruimte van de inrichting zijn de nadere regels als bedoeld in artikel 2:25 van deze verordening van toepassing voor zover het betreft de geluidsnorm, de tijden waarop muziek ten gehore mag worden gebracht en de frequentie van deze festiviteit.
Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.
Hoofdstuk 4
Artikel 4:3
Melding incidentele festiviteiten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Gooise Meren 2020