Bij deelname aan het maatschappelijk verkeer (participatie) gaat het om het verstrekken van vervoersvoorzieningen, dit is onderdeel van het totale doelgroepenvervoer voor mensen die ondersteuning nodig hebben in hun mobiliteit. Dat wil zeggen: zij kunnen niet met het reguliere openbaar vervoer reizen of geen algemeen gebruikelijk vervoersmiddel gebruiken. Voor de doelgroep van de Wmo 2015 is de ondersteuning gericht op het deel kunnen nemen aan het sociale en maatschappelijke leven. Dat wil zeggen dat de cliënt zich met een noodzakelijke vervoersvoorziening lokaal kan verplaatsen. In de verordening staat wat onder lokaal verplaatsen wordt verstaan. Ook hanteert de verordening een algemeen uitgangspunt qua omvang (aantal kilometers per jaar). Dat is in beginsel voldoende om in aanvaardbare mate te kunnen participeren. De cliënt zal tijdens het onderzoek aannemelijk moeten maken dat hij - gelet op een noodzakelijke lokale vervoersbehoefte - is aangewezen op meer kilometers.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.1
Inleiding
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Breda 2021