Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.7

Autoaanpassingen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Breda 2021

Autoaanpassingen zijn erop gericht lokale verplaatsingen mogelijk te maken voor cliënten die daarvoor zijn aangewezen op een eigen auto. In de praktijk zal de cliënt echter niet snel zijn aangewezen op een autoaanpassing. Volgens de verordening ligt namelijk het primaat bij de Deeltaxi. Blijkt echter uit onderzoek dat de cliënt geen gebruik kan maken van deze maatwerkvoorzieningen, dan kan een autoaanpassing aangewezen zijn. Daarbij worden een aantal uitgangspunten gehanteerd. Uitgangspunten bij de beoordeling autoaanpassing Is het gebruik van de eigen auto nodig voor het zich lokaal verplaatsen én is de Deeltaxi geen passende bijdrage? Is een autoaanpassing de goedkoopst passende bijdrage? Hoe oud is de auto en wat is de technische staat? Is de cliënt eigenaar en bestuurder van de auto? Onder de eigenaar van de auto kan ook de wettelijk vertegenwoordiger van het kind worden verstaan waar de autoaanpassing voor bestemd is. Is een auto zeven jaar of ouder en is er al 75.000 kilometer of meer mee gereden? Dan is een aanpassing meestal niet meer verantwoord. Een technische keuring van de auto door een onafhankelijke instantie (bijvoorbeeld de ANWB) is nodig om te kunnen beoordelen of de aanpassing nog verantwoord is met het oog op de technische staat en de verwachte levensduur van de auto. Bij een (flinke) aanpassing moet de auto nog minimaal zeven jaar veilig kunnen rijden. De geldigheidsduur van het rijbewijs wordt ook in ogenschouw genomen.

Rechtspraak bij dit artikel