In dit artikel is geregeld dat de belastingschuld ontstaat indien in de loop van het belastingtijdvak de gemeubileerde woning 90 dagen beschikbaar is gehouden.
Er behoeft niet te worden gewacht met het opleggen van de aanslag tot het einde van het kalenderjaar. Indien in de loop van het belastingtijdvak de 90 dagen reeds zijn ‘volgemaakt’ staat op dat moment de belastingschuld vast. Zie Hoge Raad 01-05-2020, ECLI:NL:HR:2020:829 (Ameland) waarin de Hoge Raad oordeelde dat uit de bepalingen van de verordening volgt dat forensenbelasting materieel verschuldigd is zodra in een kalenderjaar een woning op meer dan negentig dagen ter beschikking heeft gestaan. Vanaf dat moment kan de hoogte van de forensenbelasting voor dat kalenderjaar worden vastgesteld en kan de definitieve aanslag in de forensenbelasting worden opgelegd.
Artikel 7.
Ontstaan van de belastingschuld
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting 2021