In deze uitvoeringsverordening wordt verstaan onder:
Asv: Algemene subsidieverordening provincie Utrecht 2022;
Basisvoorzieningen: voorzieningen in het sociaal domein waarvan via het democratisch besluitvormingsproces is vastgesteld, dat zij voor een ieder die daaraan behoefte heeft, beschikbaar en in redelijkheid bereikbaar moeten zijn. Voorbeelden hiervan zijn dorpshuizen, multifunctionele centra, bibliotheken en sportvoorzieningen voor specifieke doelgroepen, woon-zorgconcepten, elektronische dienstverlening et cetera;
Bedrijfsverplaatsing: verplaatsing van een bedrijf waarbij de bedrijfsactiviteiten op de oorspronkelijke locatie worden beëindigd en elders worden voortgezet.
Catalogus Groenblauwe Diensten: een overzicht van de maximale vergoedingen die Nederlandse overheden grondeigenaren mogen geven die een groenblauwe dienst leveren, zoals die geldt op het moment van het indienen van de subsidieaanvraag. Deze diensten kunnen gaan over natuur en landschap, cultuurhistorie, recreatie of waterbeheer;
Collectief voor agrarisch natuurbeheer: een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid bestaande uit landbouwer en andere grondgebruikers van landbouwgrond, die beschikt over een certificaat collectief agrarisch natuurbeheer, overeenkomstig de artikelen 3.1 en 3.4, lid 1, sub a, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer provincie Utrecht 2016;
Kleine kern: een woonkern met een inwonertal tot maximaal 8.000 inwoners conform de actuele gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS);
Landbouwbedrijf: een eenheid die grond, gebouwen en voorzieningen omvat die voor de primaire landbouwproductie worden gebruikt;
Kleine- en middelgrote ondernemingen: kleine ondernemingen zijn volgens Europees recht ondernemingen waar minder dan 50 personen werken en de jaaromzet of het jaarlijkse balanstotaal de 10 miljoen euro niet overschrijdt. Middelgrote ondernemingen zijn volgens Europees recht zelfstandige ondernemingen waar minder dan 250 personen werken en de jaaromzet de € 50 miljoen en/of het jaarlijkse balanstotaal de € 43 miljoen niet overschrijdt. Een onderneming is zelfstandig als deze niet voor 25% of meer van het kapitaal of van de stemrechten in handen is van één onderneming of van verscheidene verbonden van ondernemingen of via natuurlijke personen afzonderlijk of in een groep. Ook dezelfde bestuurders, familierelaties en contractuele verplichtingen kunnen ervoor zorgen dat een onderneming niet als zelfstandig wordt gezien;
Kosten onvoorzien: het deel van de begroting dat gereserveerd wordt voor onvoorziene uitgaven:
een uurtarief berekend op basis van de verzamelloonstaat van de betrokken projectmedewerker(s), exclusief volledig winstafhankelijke uitkeringen, verhoogd met de wettelijke of op grond van een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, gedeeld door het aantal productieve uren;
een opslag voor algemene kosten met inbegrip van indirecte loonkosten en kosten van toezicht en van leidinggevend personeel ten bedrage van maximaal 20% van het onder 1 bedoelde uurtarief.
De werkzaamheden moeten rechtstreeks betrekking hebben op de uitvoering van het ondersteunde project en mogen niet voortvloeien uit reguliere taken of wettelijke verantwoordelijkheden;
Kosten voor voorbereiding: kosten die gemaakt worden voorafgaand aan de datum van ontvangst van de subsidieaanvraag door Gedeputeerde Staten, ook wel voorbereidingskosten genoemd. Het gaat om kosten die noodzakelijk zijn voor het uitvoeringsgereed maken van het project;
Landschapselement: de in bijlage 2 nader beschreven landschapselementen;
Leefgebiedenbenadering: nieuwe vorm van soortbescherming gericht op de leefgebieden van (groepen van) soorten;
Loonkosten eigen personeel: de loonkosten van het direct met het project belaste personeel bestaat uit de volgende twee componenten:
een uurtarief berekend op basis van de verzamelloonstaat van de betrokken projectmedewerker(s), exclusief volledig winstafhankelijke uitkeringen, verhoogd met de wettelijke of op grond van een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, gedeeld door het aantal productieve uren;
een opslag voor algemene kosten met inbegrip van indirecte loonkosten en kosten van toezicht en van leidinggevend personeel ten bedrage van maximaal 20% van het onder 1 bedoelde uurtarief.
De werkzaamheden moeten rechtstreeks betrekking hebben op de uitvoering van het ondersteunde project en mogen niet voortvloeien uit reguliere taken of wettelijke verantwoordelijkheden;
Natuurbeheerplan: het vigerende plan als bedoeld in artikel 1.3 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer provincie Utrecht 2016;
Niet-productieve investeringen: in navolging van artikel 2 van Verordening EU 702/2014 wordt onder niet-productieve investeringen verstaan ‘investering die niet leidt tot een aanzienlijke stijging van de waarde of de rentabiliteit van het bedrijf';
NNN: Natuurnetwerk Nederland. Gebieden die in het provinciale Natuurbeheerplan zijn aangeduid als ‘Nog te ontwikkelen natuur’, kaart 1 van het provinciale Natuurbeheerplan, niet zijnde groene contour.
Omgevingsverordening: het door Provinciale Staten vastgestelde plan als bedoeld in artikel 2.6 van de Omgevingswet.
Particulier Natuurbeheer: Natuurbeheer dat wordt uitgevoerd door andere organisaties dan de grote terreinbeheerder (Staatsbosbeheer, Natuurmonument, Utrechts Landschap of overheden). Dit betreft natuurlijke personen die dat al dan niet in een bepaalde rechtsvorm hebben ondergebracht;
Subsidiestelsel Natuur- en Landschapsbeheer: Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer provincie Utrecht en Subsidieregeling kwaliteitsimpuls natuur en landschap (SKNL) provincie Utrecht;
Toeristisch overstappunt (TOP): een plek waar de lokale of regionale bezoeker kan starten met een recreatieve activiteit in het gebied dat vanuit het TOP wordt ontsloten. Een TOP is geen attractie en hoeft een bezoeker niet vast te kunnen houden. Idealiter is het wel een pleisterplaats waar de recreant op een comfortabele wijze zijn wandeling, fiets- of vaartocht begint of eindigt met bijvoorbeeld kleinschalige horeca en diensten.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1