Ook is het zo dat de cliënt op één of meerdere terreinen beperkingen in zelfredzaamheid en/of participatie kan ondervinden. Voorbeelden zijn:
sociale redzaamheid
bewegen en verplaatsen
probleemgedrag
psychisch functioneren
geheugen- en oriëntatiestoornissen
6.5.1 Samenwerking en afstemming maatwerkvoorziening (arbeidsinschakeling)
Tijdens het vraagverhelderingsgesprek komt ook de mogelijke samenwerking aan bod met andere partijen (art. 2.3.2, vierde lid onder f van de wet). Bijvoorbeeld de wijkverpleegkundige in het kader van de Zorgverzekeringswet of een medewerker van de gemeente Noordoostpolder zelf in het kader van de uitvoering van de Participatiewet. Valt de cliënt namelijk onder de doelgroep van de Participatiewet, dan kan samenwerking maar ook afstemming van de maatwerkvoorziening op grond van de wet zijn aangewezen (art. 2.3.5, vijfde lid, van de wet). Denk aan de situatie dat de cliënt beschikt over arbeidsvermogen en voor zijn arbeidsinschakeling aanspraak kan maken op een voorziening op grond van de Participatiewet (art. 7, eerste onder a, van de Participatiewet).
Arbeidsvermogen
Artikel 1 van het Besluit loonkostensubsidie bepaalt wat onder mogelijkheden tot arbeidsparticipatie wordt verstaan. Iemand heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie als die persoon:
een taak kan uitvoeren in een arbeidsorganisatie;
over basale werknemersvaardigheden beschikt;
aaneengesloten kan werken gedurende ten minste een periode van een uur; en
ten minste vier uur per dag belastbaar is of ten minste twee uur per dag belastbaar is en in staat is per uur ten minste een bedrag te verdienen dat gelijk is aan het minimumloon per uur.
Arbeidsmatig karakter
Voor de cliënt die nog niet beschikt over arbeidsvermogen kan het college dagactiviteiten verstrekken waarin activiteiten worden aangeboden met een arbeidsmatig karakter. De uitvoering van de Wmo 2015 dient dan als opstapje richting betaald werk. Zie ook onder resultaten participatie in 6.6.2 Resultaten participatie (plannen van dagelijkse activiteiten)van deze beleidsregels. Bij de beoordeling van de resultaten van de dagactiviteiten kan het zijn dat het college deze maatwerkvoorziening afschaalt omdat de cliënt aanspraak kan maken op ondersteuning bij zijn arbeidsinschakeling op grond van de Participatiewet.
6.5.1 Sociale redzaamheid
Bij sociale redzaamheid gaat het om de volgende aspecten:
begrijpen wat anderen zeggen
een gesprek voeren
zich begrijpelijk maken
initiëren en uitvoeren van eenvoudige taken
kunnen lezen, schrijven en rekenen
communicatiehulpmiddel gebruiken
dagelijkse bezigheden
problemen oplossen en besluiten nemen
dagelijkse routine regelen
zelf geld beheren
initiëren en uitvoeren van complexere taken
zelf administratieve zaken bijhouden
6.5.2 Activiteiten dagelijks leven/zelfzorg in combinatie met ondersteuning
De adl is gericht op het verlenen van hulp vooral bestaande uit:
in en uit bed komen
aan- en uitkleden
bewegen
lopen
gaan zitten en weer opstaan
lichamelijke hygiëne
toiletbezoek
eten/drinken
medicijnen innemen
ontspanning
sociaal contact
Het spreekt voor zich dat de beperkingen bij de adl/zelfzorg ook opgelost kunnen worden door het verstrekken van een hulpmiddel, zoals een tillift.
6.5.3 Bewegen en verplaatsen
Bij zich bewegen en verplaatsen gaat het om de volgende aspecten:
lichaamspositie handhaven
grove hand- en armbewegingen maken
fijne handbewegingen maken
lichtere voorwerpen tillen
gecoördineerd bewegingen maken met benen en voeten
lichaamspositie veranderen
trap op en af gaan zonder hulp(middelen)
zich verplaatsen met hulp(middelen)
voortbewegen binnenshuis, zonder hulp(middelen)
gebruik maken van openbaar vervoer
eigen vervoermiddel gebruiken
voortbewegen buitenshuis zonder hulp(middelen)
korte afstanden lopen
zwaardere voorwerpen tillen
Het spreekt voor zich dat de beperkingen in het bewegen en verplaatsen ook opgelost kunnen worden door het verstrekken van een hulpmiddel, zoals een rolstoel.
6.5.4 Gedragsproblemen
Bij gedragsproblemen gaat het om de volgende aspecten:
destructief gedrag (gericht op zichzelf en/of de ander, zowel letterlijk als figuurlijk)
dwangmatig gedrag
lichamelijk agressief gedrag
manipulatief gedrag
verbaal agressief gedrag
zelfverwondend of zelfbeschadigend gedrag
grensoverschrijdend seksueel gedrag
6.5.5 Psychisch functioneren
Bij psychisch functioneren gaat het om de volgende aspecten:
Concentratie
geheugen en denken
perceptie van omgeving
6.5.6 Oriëntatiestoornissen
Bij oriëntatiestoornissen gaat het om de volgende aspecten:
oriëntatie in persoon
oriëntatie in ruimte
oriëntatie in tijd
oriëntatie naar plaats
Hoofdstuk 1
Artikel 6.5