Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Hoorzitting minderjarige belanghebbenden

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften sociaal domein Eemsdelta

Bij een besluit in het kader van de Jeugdwet beslist de voorzitter tot het al dan niet uitnodigen van minderjarige belanghebbende(n). Bij de beslissing tot het al dan niet uitnodigen van een minderjarige worden de volgende omstandigheden in ieder geval meegewogen: de leeftijd van de minderjarige. Bij een leeftijd van twaalf jaren en ouder wordt verwacht dat de minderjarige goed in staat is zijn mening te vormen en goed in staat is zich vrijelijk te uiten. Onder deze leeftijdsgrens wordt uitgegaan van een verminderde plicht tot horen, afhankelijk van de omstandigheden van het geval; de verstandelijke capaciteiten van de minderjarige. Een afweging dient te worden gemaakt of de minderjarige voldoende in staat is zijn mening te verwoorden, zich vrijelijk kan uiten en de consequenties van het horen door de commissie begrijpt. Indien een minderjarige wordt uitgenodigd voor de zitting van de commissie, zendt de voorzitter een op de minderjarige aangepaste uitnodiging. De voorzitter kan beslissen tot het afzonderlijk horen van de minderjarige, voorafgaand aan het horen van de overige belanghebbenden. Voor het overige geldt bij het uitnodigen van minderjarige belanghebbenden voor de zitting het bepaalde van artikel 12 van deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel