Voor de toepassing van deze verordening geldt als indeling van de gemeente:
a. het gebied binnen de bebouwde kom;
b. het gebied buiten de bebouwde kom;
c. het gebied dat is uitgesloten van welstandstoezicht.
Als gebied binnen de bebouwde kom gelden de gebieden, welke op de plankaarten bij de vigerende bestemmingsplannen buitengebied als “vigerend of in voorbereiding, dan wel in procedure zijnde bestemmingsplannen, inclusief bebouwde kom” staan aangegeven.