Verlaging inzamelfrequentie restafval-containers naar één keer per vier weken
Door PBD apart aan huis in te zamelen en door de extra ondergrondse containers voor PBD neemt het volume restafval sterk af. De restafval-container kan daarom minder vaak geleegd worden. Gemiddeld, zo blijkt uit de gemiddelde gegevens van de landelijke sorteeranalyses, is 24 kilogram restafval eigenlijk plastic. Omdat PBD licht afval is, neemt die 24 kilogram dus erg veel plek in de restafval-container of de vuilniszak in. Een proefproject in Zoetermeer met een dergelijke inzameling heeft aangetoond dat het ook hier haalbaar is de inzamelfrequentie van restafval te verlagen. Het minder vaak ophalen van het restafval maakt het ook qua logistiek mogelijk het PBD kostenneutraal aan huis op te halen. De rondes restafval worden vervangen door rondes PBD. Iedere week wordt dan nog steeds één container geleegd bij de laagbouw huishoudens die afval aanbieden in containers.
Inzamelschema containers voor acht weken: GFT | restafval | GFT | PBD | GFT | restafval | GFT | PBD
Afvalstroom
Laagbouw met eigen containers bij de woning
Hoogbouw en Laagbouw die afval aanbieden in centrale voorzieningen
Restafval
Container, 13x per jaar legen
Ondergrondse containers
GFT en etensresten
Container, 26x per jaar legen
Ondergrondse containers
PBD
Container, 13x per jaar legen
Ondergrondse containers op de milieu-eilanden
Papierpreventie met de Ja/Ja sticker
Woningen zonder nee/nee of nee/ja-sticker krijgen nu zo'n 33 kg reclame per jaar4 https://www.milieucentraal.nl/minder-afval/voorkom-afval/reclamedrukwerk/. Een wekelijks huis-aan-huisblad zorgt voor nog eens 36 kg papier per jaar. Uit onderzoek blijkt dat slechts 35% van de Nederlanders een Ja/Ja sticker op de brievenbus zou plakken. 65% Van de huishoudens wil dus geen reclamedrukwerk en geen huis-aan-huisblad meer. In Zoetermeer komt neer op 2.5 miljoen kg papier per jaar. Dit betekent minder papier inzamelen. Het betekent ook minder restafval. Want gemiddeld in Nederland gooien we ook nog steeds 21 kg papier met het restafval weg en een deel daarvan is reclamedrukwerk. Zoetermeer wacht de bodemprocedure af die door de reclamebranche is aangespannen tegen het inzetten van de Ja/Ja sticker. Als de sticker rechtmatig is, dan voert Zoetermeer de sticker in. Zo worden huishoudens geholpen om de afvalberg te verkleinen en papiergebruik te reduceren.
Het Invoeren van gedifferentieerde tarieven op restafval per 1-1-2023
Invoering van gedifferentieerde tarieven betekent dat de afvalstoffenheffing opgedeeld wordt in een vast en een variabel deel. Het variabele deel is de prijsprikkel. Hoe minder restafval een huishouden weggooit, hoe lager de variabele heffing zal zijn. De variabele heffing geldt alleen op restafval. Laagbouwwoningen die restafval aanbieden in containers krijgen een nieuwe restafval-container met een chip. Deze chip wordt tijdens het legen door het inzamelvoertuig gelezen en zo kan het afvalaanbod van deze huishoudens verrekend worden. Laagbouwwoningen die afval aanbieden in ondergrondse containers en hoogbouwwoningen rekenen af voor elke keer dat een ondergrondse container is gebruikt. Dit gebruik wordt vastgelegd aan de hand van de afvalpas die mensen gebruiken om de container te ontgrendelen. Het aanbieden van PBD, GFT, glas, textiel, en oud papier et cetera blijft ‘gratis’, oftewel de kosten daarvan worden gedekt uit de opbrengsten van de vaste heffing. Het bepalen van de hoogte van de heffingsdelen gebeurt met het vaststellen van de Verordening afvalstoffenheffing eind 2022.
In de Verordening afvalstoffenheffing wordt ook een gewijzigde kwijtscheldingsregeling opgenomen. De kwijtschelding zal gelden voor het vaste deel van de heffing en voor 13 keer een restafval-container aanbieden of voor een aanbod van 52 vuilniszakken per jaar in een ondergrondse container (aan te bieden hoeveelheid staat gelijk aan 13 keer aanbieden van een restafval-container). Zo wordt iedereen gestimuleerd het afval te scheiden en ontstaat gelijkheid.
Luiers (baby’s en kinderen)
In het huishoudelijk restafval in Nederland zit jaarlijks zo’n 200 duizend ton luiers en incontinentiemateriaal, dat is ongeveer 5% van het huishoudelijk restafval. Nog eens dezelfde hoeveelheid komt naar schatting als bedrijfsafval vrij bij ziekenhuizen en zorgcentra. In 2015 is de overheid gestart met het project “uit de luiers” met het doel de luierketen te sluiten, partijen daarvoor te verbinden, kennis te delen en te zorgen voor recycling van de herbruikbare materialen van de luiers. Sinds het ketenproject en de ontwikkeling van meer recyclen en minder verbranden, zijn er initiatieven in ontwikkeling om luiers te recyclen. Luiers hoeven dan niet meer met het restafval verbrand te worden. Dit is voor huishoudens in Diftar-gemeenten een aantrekkelijk vooruitzicht omdat voor het restafval betaald moet worden. Wegwerpluiers nemen een aanzienlijke hoeveelheid ruimte in de restafval-container of in de vuilniszak in. Huishoudens met kinderen in de luiers kunnen, ondanks goed scheidingsgedrag, financiële nadelen ondervinden. Ook kunnen er nadelen ondervonden worden van een maandelijkse inzameling van de restafval-containers. De container is sneller vol en moet fris gehouden worden (zakken gebruiken voor luiers, uit de zon zetten, laten luchten en regelmatig schoonmaken). Uiteraard bestaat ook de mogelijkheid wasbare luiers te gebruiken. Dit product is opnieuw uitgevonden, doorontwikkeld en eigentijds gemaakt5 https://www.milieucentraal.nl/bewust-winkelen/mazzelkontjes/. Zodra de luierrecyclinginitiatieven verder ontwikkeld zijn, zal Zoetermeer onderzoeken of recycling van de Zoetermeerse luiers mogelijk is.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3
Maatregelen Restafval
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Zoetermeer houdende regels omtrent het afval- en grondstoffenbeleid