Aan de mandaten genoemd in artikel 20 zijn de volgende voorschriften verbonden:
De in mandaat te nemen besluiten zijn in overeenstemming met het ter zake gevoerde beleid en mogen niet leiden tot overschrijding van de begroting.
Indien redelijkerwijs te verwachten is, dat een in mandaat te nemen besluit bestuurlijke of politieke implicaties kan hebben, legt de griffier de zaak met zijn advies voor aan de werkgeverscommissie of presidium.
Tot het mandaat behoort mede het afdoen en voeren van correspondentie ter zake van de toegekende bevoegdheden, alsmede het (doen) treffen van voorbereidings- en uitvoeringshandelingen.
Alle stukken verband houdende met de uitoefening van de in mandaat verleende bevoegdheden worden als volgt ondertekend:
De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg,
namens deze,
de griffier
(handtekening)
(naam)
De uitoefening van de in mandaat verleende bevoegdheden strekt zich niet uit tot besluiten ten aanzien van diegene aan wie dat mandaat is verleend.
De griffier is desgevraagd verplicht aan de raad te rapporteren omtrent de wijze waarop gebruik is gemaakt van de in mandaat verleende bevoegdheden.
HOOFDSTUK 4
Artikel 21
Mandaatvoorschriften
Onderdeel van Organisatieverordening raadsgriffie Leidschendam-Voorburg