Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8.

Artikel 8.4.1

Aanpak immobiele verontreinigingen

Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Vijfheerenlanden houdende regels omtrent grondverzet en bodemsanering

Een locatie is na uitvoering van een uniforme sanering volgens de categorie BUS-immobiel ’blijvend geschikt’ voor het gewenste bodemgebruik. De bodemkwaliteit voldoet dan aan de normen die horen bij die nieuwe bodemfunctie. Een locatie (en bij lood gaat het met name om de tuin) geldt als ‘blijvend geschikt’ als de tuinbodem (al of niet met aangebrachte leeflaag) tot een diepte van 1,0 meter maximaal 100 mg/kg aan lood bevat. Ook na het afronden van een bodemsanering voor andere stoffen (zoals PAK, minerale olie, asbest) is de bodem blijvend geschikt gemaakt voor de beoogde functie van het perceel. De bodem voldoet dan aan de lokale normen. Uitwerken in het Omgevingsplan Functiewijziging naar gevoeliger bodemgebruik Als een perceel van bestemming of functie wijzigt, bijvoorbeeld bij het beëindigen van een bedrijf, dan kan het zijn dat de grond niet meer voldoet aan de kwaliteit die bij dat nieuwe bodemgebruik hoort (bijv. wonen). De functiewijziging zal dan in de meeste situaties het natuurlijk moment van saneren zijn. Wanneer sprake is van een tuin moet deze geschikt worden gemaakt voor de nieuwe en gevoeligere bodemfunctie. Bijvoorbeeld door het uitvoeren van een leeflaagsanering (of het in stand houden van een bestaande verharding). Als er geen sprake is van een gevoelig bodemgebruik (tuin, moestuin of kinderspeelplaats) hoeft er meestal geen sanering te worden uitgevoerd bij een functiewijziging. Sanering loodverontreiniging op gevoelige functies Wordt op een locatie een verontreiniging met lood geconstateerd met onaanvaardbare risico’s voor de mens, dan moet deze locatie worden gesaneerd. Is dat niet meteen mogelijk dan worden er tijdelijke veiligheidsmaatregelen getroffen. Dat kan inhouden dat een bepaald bodemgebruik tijdelijk verboden wordt of dat de grond tijdelijk afgedekt wordt om blootstellingsrisico’s te voorkomen. In gevallen waar een loodverontreiniging aangetroffen wordt waar niet direct gesaneerd hoeft te worden, maar waar wel sprake is van lood boven de door Vijfheerenlanden vastgestelde maximaal gewenste loodconcentratie in (moes)tuinen, dan gelden er gebruiksadviezen om grondingestie bij jonge kinderen te voorkomen (zie bijlage 13).

Rechtspraak bij dit artikel