De algemeen directeur, de clusterdirecteur(en) en de programmadirecteur zijn bevoegd de hoofdbudgethouders aanwijzingen te geven met het oog op het bewaken van de eenheid in de administratie, het bevorderen van de doelmatigheid en de rechtmatigheid van het beheer van de vermogenswaarden, de informatievoorziening en de uitvoering van het inkoop- en aanbestedingsbeleid.
In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.