Naar hoofdinhoud
In de Participatiewet is niets vastgelegd omtrent de aflossingsduur van de verstrekte bijzondere bijstand in de vorm van een lening (leenbijstand). Het College is vrij dit zelf te bepalen. Er wordt in beginsel vanuit gegaan dat het totale bedrag van de leenbijstand moet worden terugbetaald. Looptijd leenbijstand De looptijd van de lening is afhankelijk van de hoogte van de verstrekte leenbijstand en de hoogte van het aflossingsbedrag dat is vastgesteld overeenkomstig de hieronder vermelde regels. In incidentele gevallen kan om redenen van efficiency of op grond van zwaarwegende individuele omstandigheden het restbedrag worden kwijtgescholden. Hoogte aflossing leenbijstand Bij een inkomen op bijstandsniveau: 5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm Bij een inkomen boven bijstandsniveau: 5% van het totale netto inkomen Aanpassing aflossing leenbijstand In beginsel wordt gedurende een lopende bijstandsuitkering voor levensonderhoud een eenmaal vastgesteld aflossingsbedrag niet meer gewijzigd. Dit is alleen anders indien de uitkeringsnorm verandert als gevolg van een gewijzigde woon- of leefsituatie. Indien het inkomen hoger wordt dan 100% van de toepasselijke bijstandsnorm (bijvoorbeeld door werkaanvaarding), wordt het aflossingsbedrag aangepast overeenkomstig de hierboven vermelde regels. Rente over leenbijstand Indien bijzondere bijstand als lening wordt verstrekt wordt geen rente in rekening gebracht. Indien belanghebbende zijn aflossingsverplichting verwijtbaar niet nakomt, wordt het restant van de terug te betalen geldlening teruggevorderd. Vanaf dat moment zijn de beleidsregels omtrent terugvordering (betreffende hoogte aflossingsbedrag, verschuldigde wettelijke rente e.d.) van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel