Naar hoofdinhoud
De aanwijzing van de plaats van het graf geschiedt door de beheerder. Tot begraving of bijzetting wordt niet overgegaan dan nadat: de beheerder, indien deze heeft geconstateerd dat aan de in de artikelen 8 (kennisgeving begraven en asbezorgen), 9 (openen en sluiten van een graf), 10 (te overleggen documenten) opgenomen vereisten is voldaan. het personeel van de begraafplaats bij begraving van een stoffelijk overschot de identiteit van het stoffelijk overschot heeft vastgesteld door vergelijking van het op de kist of een ander lijkomhulsel vermelde registratienummer met dat op het overgelegde verlof tot begraven. Dit document bevat tevens de namen, de overlijdens- en geboortedatum van de overledene dan wel de geslachtsnaam en een verklaring van een arts van de levenloos geborene.

Rechtspraak bij dit artikel