De subsidie wordt niet verleend indien één of meer van de navolgende situaties zich voordoet:
de aanvrager niet aantoonbaar de juridische eigenaar van het monument is of wordt;
een voor de werkzaamheden vereiste vergunning niet is verleend;
de kosten van de voorzieningen kunnen worden gedekt uit de opbrengsten van een brand- en/of stormverzekering of enige andere vorm van verzekering;
de aanvrager zonder schriftelijke toestemming vooraf van burgemeester en wethouders met het treffen van de voorzieningen is begonnen voordat de subsidie is verleend;
door het verlenen van subsidie het in artikel 4 bedoelde subsidieplafond wordt overschreden;
de aanvrager een daarvoor door burgemeester en wethouders aangewezen deskundige of ambtenaar niet toestaat om het monument of varend erfgoed te inspecteren;
de gevraagde voorzieningen geen zicht geven op duurzame instandhouding;
door de uitvoering van de werkzaamheden de (historische) karakteristiek wordt aangetast;
de kosten van de gevraagde voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te verkrijgen resultaat;
als voor hetzelfde monument of varend erfgoed in de voorafgaande periode van 5 jaar subsidie is toegekend voor dezelfde werkzaamheden.
voor zover van toepassing: het bedrijf dat de voorzieningen zal treffen niet is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.
een voormalig provinciaal monument nog een beroep kan doen op subsidieregelingen van de Provincie Noord-Holland.
Hoofdstuk
Artikel 18
Afwijzingscriteria
Onderdeel van Subsidieverordening Erfgoed Gemeente Hollands Kroon