Het college maakt gebruik van de bevoegdheid de toegang tot een schuldregeling te weigeren wanneer een inwoner:
is veroordeeld voor fraude of daarvoor een onherroepelijke bestuurlijke sanctie opgelegd heeft gekregen, tenzij de fraudegedraging meer dan drie jaar geleden heeft plaatsgevonden;
een schuldenpakket heeft waarbij een schuldregeling redelijkerwijs niet kan slagen vanwege de schulden die wettelijk niet geheel of gedeeltelijk kwijtgescholden kunnen worden.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1