Naar hoofdinhoud
Het toezicht op het bijhouden van het DOR wordt uitgeoefend door twee partijen, de politie en gemeente. Dit handhavingsbeleid wordt vastgesteld om op eenduidige wijze te kunnen reageren bij geconstateerde overtredingen van de diverse verplichtingen. Daarbij moet onderscheid gemaakt worden tussen de verplichtingen met betrekking tot het inkoopregister (handhaving door politie en Openbaar Ministerie) en de verplichting met betrekking tot het verkoopregister (handhaving door gemeente). Het handhavingsarrangement biedt handelaren duidelijkheid over de te nemen maatregelen bij het niet naleven van de wet- en regelgeving1Het verschil in toepassing van sancties sluit aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) waar in geval van bijvoorbeeld recidive ook een zwaardere sanctie kan worden opgelegd. De LHS wordt verplicht toegepast op het terrein van het ruimtelijk bestuursrecht (Wabo). . De maatregelen sluiten aan op de bevoegdheid van de burgmeester om de openbare orde en veiligheid te handhaven. Het arrangement is alleen gericht op bestuursrechtelijke maatregelen. Strafrechtelijke overtredingen worden geregeld in het Wetboek van Strafrecht en zijn daar terug te vinden. De handhavingsmatrix bestaat uit systematisch opgebouwde maatregelen die rekening houden met de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Capaciteit Om optimaal gebruik te maken van de beschikbare capaciteit van boa’s en politie, moeten er prioriteiten worden afgewogen. Het aantal controles dat jaarlijks wordt uitgevoerd is afhankelijk van de gegeven prioriteit. Evaluatie Uitgangspunt is dat elke controle afgesloten wordt met een korte evaluatie met alle overheidsinstanties die bij de controle aanwezig waren. Wanneer nodig en/of gewenst zal een multidisciplinaire (beleids)evaluatie plaatsvinden.

Rechtspraak bij dit artikel