In deze paragraaf wordt de bouwveiligheidszone bepaald. Deze wordt in eerste instantie bepaald door de hoogte van het gebouw of de hoogte van de hijslast, maar de in deze paragraaf beschreven situaties kunnen van invloed zijn op de omvang van de bouwveiligheidszone (BZV). De tabel 1 is bedoeld als uitgangspunt/ richtlijn bij hoogbouw. Voor elke bouw- en slooplocatie gelden specifieke werk gerelateerde omstandigheden. In specifieke situaties kunnen alternatieve oplossingen worden goedgekeurd op basis van gelijkwaardigheid, zolang hierdoor geen verhoogd risico ontstaat voor derden.
Grafiek: Bouwveiligheidszone ten opzichte van hoogte gebouw en of hijslast
gebouwhoogte / hijslasthoogte (m)
bouwveiligheids- zone (m)
gebouwhoogte / hijslasthoogte (m)
bouwveiligheids-zone (m)
3
1,5
140
16
6
2
150
17
9
2,5
160
19
12
3
170
20
15
3,5
180
21
20
4
190
22
30
5
200
23
40
6
210
24
50
7
220
25
60
8
230
26
70
9
240
27
80
10
250
28
90
11
260
30
100
12
270
31
110
13
280
32
120
14
290
33
130
15
300
34
Tabel 1: De relatie tussen gebouwhoogte / hijslasthoogte en bouwveiligheidszone, tot een gebouwhoogte van 300 meter. Tot 150m is dit in Nederland beproeft. Boven de 150m moet hier ervaring mee worden opgedaan.
Ingediende bouwveiligheidsplannen worden o.a. getoetst aan de volgende criteria die verderop nader worden toegelicht:
Bouwterrein
Het bouwterrein bestrijkt de oppervlakte van het te bouwen object, het materiaal en het materieel, het werkterrein, de bouwveiligheidszone, de hijszone en het hijsgebied. Het bouwterrein moet fysiek zijn afgescheiden van zijn omgeving.
Een bouwkraan of mobiele kraan moet altijd op het bouwterrein zijn opgesteld.
Bouw- en sloopveiligheidszone
Een bouw- en sloopveiligheidszone is niet toegankelijk voor derden of voor publiek.
Altijd moet de bouwveiligheidszone, zoals in de tabel 1 genoemd, tijdens de werkzaamheden aanwezig zijn.
Een bouwveiligheidszone is bedoeld voor klein vallend materiaal en materieel (maximaal gewicht 50 N) en is geen laad-, los- of hijszone.
Hijszone
Een hijszone is een gebied waarboven uitsluitend lasten gehesen mogen / kunnen worden.
Het oppervlak van de hijszone is minimaal gelijk aan het projectieoppervlak van het te hijsen voorwerp.
Wanneer rotatie van de te hijsen last mogelijk is (bijvoorbeeld door de wind) dan geldt voor de bepaling van de hijszone de grootste afmeting (lengte of breedte of hoogte) van de last.
Hijsgebied
Het hijsgebied is de hijszone aangevuld met rondom de aan de benodigde hijshoogte gerelateerde bouwveiligheidszone.
Tussen de hijszone en het openbaar gebied is altijd een bouwveiligheidszone (BVZ) aanwezig. De hijslasthoogte en/of de gebouwhoogte bepaald conform tabel 1 de maatvoering die nodig is voor de BVZ. Wordt er voor een gevel of steiger langs, omhoog gehesen, dan komt daar extra nog aanvullend 1/3 BVZ maat bij. (figuur 6.2)
Het hijsgebied moet binnen het bouwterrein / de bouwplaatsafscheiding vallen.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.2