1. Gelijktijdig met de beschikking tot terugvordering wordt de beschikking tot invordering als bedoeld in artikel 4.86 van de Awb afgegeven. De beschikking tot invordering omvat daarbij de volgende punten:
a. de hoogte van (het saldo van) de vordering;
b. de betalingsverplichting om de vordering in zijn geheel te voldoen;
c. de datum waarop de betalingsverplichting ingaat;
d. de betalingstermijn van zes weken;
e. de mogelijkheid voor belanghebbende om binnen 2 weken na verzenddatum van de beschikking een betalingsregeling te treffen;
f. de rechtsgevolgen bij niet-nakoming van de betalingsverplichting als beschreven in afdeling 4.4.2 Awb over verzuim en wettelijke rente en afdeling 4.4.4 over aanmaning en invordering bij dwangbevel;
g. de vermelding dat het aangaan van nieuwe schuldverplichtingen niet leidt tot een nieuwe vaststelling van een opgelegde betalingsverplichtingen behoudens bijzondere onvoorziene omstandigheden.
3. Vorderingen die verjaard zijn overeenkomstig artikel 3:324 van het BW worden buiten invordering gesteld.
HOOFDSTUK 3
Artikel 10.
Algemeen
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal Participatiewet, IOAW (2015) en IOAZ Gemeente Geertruidenberg 2021