Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 7.

Afzien van invordering of van verdere invordering na het voldoen aan de betalingsverplichting

Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal Participatiewet, IOAW (2015) en IOAZ Gemeente Geertruidenberg 2021

1. Van invordering of van verdere invordering wordt conform artikel 58 lid 7 van de Participatiewet en artikel 25 lid 6 van de IOAW 2015 en de IOAZ afgezien, indien de belanghebbende: a. gedurende 10 jaar volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan en ten minste 50% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan; of b. gedurende 10 jaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode, vermeerderd met de daarover verschuldigde wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog heeft betaald en ten minste 50% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan; of c. gedurende 10 jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten. 2. Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van vorderingen die: 1. het gevolg zijn van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid; 2. door pand of hypotheek op een goed of goederen zijn gedekt, behoudens voor zover zij niet op die goederen verhaald kunnen worden. 3. In beginsel wordt een besluit als bedoeld in het eerste lid, aanhef, onder a. of b. slechts genomen als de belanghebbende daarom schriftelijk heeft verzocht. Tot toepassing van het eerste lid, aanhef en onder c. wordt uitsluitend ambtshalve besloten. 4. Het op basis van het eerste lid genomen besluit tot (gedeeltelijk) afzien van invordering wordt ingetrokken, indien op een later tijdstip blijkt dat belanghebbende onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel