De aanvragen die tijdig en volledig zijn ontvangen worden op basis van de volgende criteria beoordeeld. Voor de beoordeling hanteert de adviescommissie beoordelingscriteria in lijn met de beoordelingscriteria zoals genoemd in de Cultuurnota 2021-2024 ‘Kunst kleurt de stad’, op onderdelen toegespitst op specifiek dit wijkcultuurhuis. De beoordelingscriteria zijn:
**1..** Artistiek-inhoudelijke kwaliteit (10 punten)
Centraal staan de visie en missie van de organisatie en de concrete vertaling hiervan in een meerjarig activiteitenplan. Dit vormt de basis voor de beoordeling van de artistiek-inhoudelijke kwaliteit.
Waar het de artistieke output betreft, wordt de kwaliteit beoordeeld aan de hand van de (klassieke) kernbegrippen vakmanschap, zeggingskracht en oorspronkelijkheid.
Vakmanschap; op welke manier komen activiteiten en culturele uitingen tot stand en ligt daar vakmanschap aan ten grondslag?
Zeggingskracht; welke betekenis heeft het plan voor specifieke groepen?
Oorspronkelijkheid; is er sprake van authenticiteit en uniciteit van de culturele uitingen?
Voor de beoordeling wordt ook gekeken naar de kwaliteit en betekenis van de organisatie in bredere context. Specifiek voor het wijkcultuurhuis wordt gekeken naar:
De mate waarin de organisatie in staat zal zijn tot de inhoudelijke en ruimtelijke ontwikkeling van het wijkcultuurhuis, de placemaking en het aangaan van verbindingen met omwonenden en andere organisaties in de fase richting de oplevering alsook de programmering, exploitatie en het beheer.
De betekenis van de organisatie binnen het culturele veld en in het bijzonder het veld van de wijkgericht cultuurprogrammering en actieve cultuurparticipatie; hoe wordt de organisatie door vakgenoten in het veld gezien en welke rol speelt de organisatie binnen het lokale, landelijk en eventueel internationale veld?
De betekenis van de organisatie en diens activiteiten voor de cultuurdeelnemers en het (potentiele) publiek; wat is de visie op het creëren van een zo groot en divers mogelijk bereik en de visie op publiekswerking, -verbreding en -verdieping?
De samenwerking met relevante culturele partners en organisaties in andere domeinen; is hier sprake van binnen het eigen gebied, met de omliggende buurten en breder binnen de stad Utrecht?
Het draagvlak voor de culturele organisatie; zijn er relevante samenwerkingspartners (binnen en buiten de stad) en wat is de – te verwachten – belangstelling van deelnemers of publiek?
De visie van de organisatie op inclusie geformuleerd aan de hand van de (actuele) Code Diversiteit en Inclusie.
**2..** Zakelijke kwaliteit (10 punten)
Centraal staat hierbij of en hoe de organisatie in staat is de activiteiten op professionele wijze te realiseren. Daarin spelen de volgende aspecten een rol:
De kwaliteit van bedrijfsvoering.
Een realistische raming van kosten en inkomsten.
Een sluitende begroting.
Een evenwichtige financieringsmix.
De risico- en beheerstrategie bij afwijkende exploitatie.
De verhouding tussen het gevraagde bedrag, de activiteiten en het verwachtte resultaat.
De marketing- en communicatiestrategie.
De toepassing van de Code Cultural Governance.
De toepassing van de Fair Practice Code volgens het principe pas toe en leg uit.
Een visie op duurzaamheid.
**3..** Betekenis voor de stad (10 punten)
Concreet wordt in dit criterium getoetst in hoeverre een bijdrage wordt geleverd aan de pijlers voor het cultuurbeleid zoals die geformuleerd zijn in de Cultuurnota 2021-2024 ‘Kunst kleurt de stad’.
Pluriformiteit: Is er in het plan sprake van een visie op de positionering van het wijkcultuurhuis binnen Utrecht, in landelijk en eventueel internationaal perspectief en op de duurzame bijdrage die zij aan de culturele sector wil leveren?
Inclusie: Is er sprake van een integrale, duurzame visie op diversiteit en inclusie, vanuit het eigen artistieke en inhoudelijke profiel geformuleerd en passend bij de aard en werking van de organisatie?
Creatief vermogen: Is sprake van een visie op het gebied van (het faciliteren van) cultuureducatie, amateurkunstbeoefening en -educatie, talentontwikkeling en publiekswerking en is deze voldoende uitgewerkt?
Ontwikkelruimte: Is er sprake van het bieden van artistieke, fysieke of financiële ruimte aan de ontwikkeling van makers? Is sprake van een bijdrage aan internationale ontwikkeling? Wordt door (op termijn) eerlijke beloning te hanteren gewerkt aan de ontwikkeling van de eigen organisatie en sector?
Artikel 9
Beoordeling van de subsidieaanvraag
Onderdeel van Nadere regel Subsidie wijkcultuurhuis Merwedekanaalzone