[Jeugdwet, Wmo, Awb]
1. Bij het beoordelen van de aanvraag betrekt de gemeente/Buurtzorg Jong (BZJ) alle gegevens die van belang zijn. Het gaat onder meer om gegevens over:
a. de behoeften en hulpvraag van de inwoner;
b. de persoonlijke situatie van de inwoner;
c. de omgeving van de inwoner (het sociale netwerk);
d. de (on)mogelijkheden van de inwoner;
e. de (on)mogelijkheden van de omgeving van de inwoner (het sociale netwerk);
f. de mogelijkheden van andere organisaties en de gemeente.
2. Om te bepalen of de gemeente hulp verleent, loopt de gemeente/BZJ de volgende onderdelen langs:
• De gemeente stelt vast wat de hulpvraag van de inwoner is;
• De gemeente onderzoekt wat de inwoner zelf kan doen om de hulpvraag te beantwoorden (eigen kracht), al dan niet met gebruikelijke hulp, hulp van anderen uit het sociale netwerk en van andere voorzieningen of organisaties.
• De gemeente bepaalt welke aanvullende hulp er dan nog nodig is om de hulpvraag te beantwoorden en het gewenste effect te bereiken.
3. Voor ieder onderdeel geldt, dat de gemeente/BZJ de deskundigheid inzet die nodig is om dat onderdeel goed te kunnen afronden. Is er bijzondere deskundigheid nodig, dan zet de gemeente/BZJ die in. De gemeente/BZJ stelt de inwoner op de hoogte van welke deskundigheid er op welk moment nodig is en ingezet wordt.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.3.4
Beoordelen aanvraag
Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2021