Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.3

Artikel 6.3.5

Hoogte en tarief pgb

Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2021

[Jeugdwet, Wmo] 1. Het pgb wordt door de medewerker vastgesteld aan de hand van een plan over de besteding van het pgb dat de inwoner heeft gemaakt (pgb-plan). Het plan moet goedgekeurd zijn door de medewerker. 2. Het pgb wordt gebaseerd op een offerte voor de aangegeven kosten én op basis van de kosten die de gemeente gemaakt zou hebben als er hulp in natura zou zijn verstrekt. Gaat het om een product, dan houdt de gemeente bij de hoogte van het pgb rekening met een reële termijn voor de technische afschrijving en met de onderhouds- en verzekeringskosten. 3. De gemeente staat het niet toe dat een pgb als “maandloon-optie” wordt ingezet. 4. De gemeente stelt het tarief voor hulp door iemand uit het sociale netwerk vast op het goedgekeurde tarief uit artikel 6.3.3. 5. Als de hulp wordt gegeven door een bloed- of aanverwant in de eerste of tweede graad, wordt dit altijd als hulp door iemand uit het sociale netwerk gezien. Wordt de hulp gegeven door een ander uit het sociale netwerk die beroepsmatig als ZZP-er de hulp verleent, dan gelden de regels voor beroepsmatig verleende hulp. 6. De gemeente hanteert voor een pgb voor vervoer (inclusief rolstoelvervoer) om deel te nemen aan groepsondersteuning een tarief van € 18,60 per etmaal. 7. De gemeente kan de pgb-tarieven jaarlijks indexeren conform de indexering van de zorg in natura tarieven. 8. De gemeente heeft nadere regels in het besluit sociaal domein vastgelegd over de hoogte en het tarief van het pgb en het format van het pgb-plan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel