Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › Paragraaf 2:

Artikel 6.

Toegang en besluit

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente ’s-Hertogenbosch 2021

Het college legt het besluit omtrent het al dan niet verlenen van een individuele voorziening vast in een beschikking. Het college neemt het besluit als bedoeld in het eerste lid op grond van de aanvraag, evenals het onderzoek en het daaruit volgende onderzoeksplan als bedoeld in artikel 8. In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende voorziening. Het college legt het besluit omtrent de inzet van hulp in dat geval zo snel mogelijk, maar in ieder geval binnen vier weken na de start van de hulp, vast in een beschikking. In crisisgevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende tijdelijke maatregel of vraagt het college een machtiging gesloten jeugdhulp als bedoeld in hoofdstuk 6 van de wet. Het college draagt zorg voor de inzet van jeugdhulp na verwijzing door de huisarts, medisch specialist en jeugdarts als en voor zover de jeugdhulpaanbieder van oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig en passend is. Het college kan nadere regels vaststellen waarin staat beschreven welke stappen de aanbieder dient te doorlopen bij de beoordeling van de inzet van een individuele voorziening zoals bedoeld in artikel 4. De jeugdige en/of zijn ouders moeten zich binnen zes maanden na de datum van besluit hebben gemeld bij een jeugdhulpaanbieder, dan wel het PGB binnen zes maanden hebben besteed aan het resultaat waarvoor het is verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel