Naar hoofdinhoud
De aanvragen die tijdig en volledig zijn ontvangen worden met elkaar vergeleken en gescoord op basis van de volgende criteria: 1.. De mate van aantoonbare kennis en ervaring van de aanvrager met het exploiteren van panden waarin een diversiteit aan culturele organisaties, cultureel ondernemers en kunstenaars zijn gehuisvest, waaronder ook begrepen het werven van (onder)huurders uit de beoogde doelgroep. Hoe meer aantoonbare kennis en ervaring, hoe hoger de score. [maximaal 40 punten]; 2.. De zakelijke kwaliteit van de aanvrager. Centraal staat of/hoe de organisatie in staat is de business case op professionele wijze te realiseren. Daarin spelen de volgende aspecten een rol: de kwaliteit van bedrijfsvoering; een realistische raming van baten en lasten; de risico- en beheerstrategie bij afwijkende exploitatie; draagvlak voor de exploitatie-activiteiten van de aanvrager, hetgeen kan blijken uit relevantie samenwerkingspartners (binnen en buiten de stad en/of wijk); de toepassing van de Code Cultural Governance; de toepassing van de Fair Practice code volgens het principe pas toe of leg uit; (een visie op) duurzaamheid en circulariteit. Hoe hoger de zakelijke kwaliteit van de aanvrager op grond van de aanvraag wordt gewaardeerd, hoe hoger de score. [maximaal 40 punten]. 3.. De betekenis van de organisatie met betrekking tot de huisvesting van de culturele sector: hoe wordt de organisatie door vakgenoten in het veld gezien en welke rol speelt de organisatie binnen het lokale, landelijk en eventueel internationale veld? Hoe meer betekenis de aanvrager heeft, hoe hoger de score. [maximaal 10 punten]; 4.. De visie van de aanvrager op inclusie geformuleerd aan de hand van de (actuele) Code Culturele diversiteit. Hoe overtuigender deze visie, hoe hoger de score. [maximaal 10 punten].

Rechtspraak bij dit artikel