**6.1.** Het college weigert een subsidie in ieder geval:
wegens het ontbreken van voor verstrekking beschikbare gelden, indien het subsidieplafond bij verlening van de subsidie zou worden overschreden;
indien de aanvrager niet beschikt over de benodigde vergunning;
indien de aanvrager in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zouden hebben geleid,;
indien de aanvrager failliet is of in surseance van betaling verkeert, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de activiteiten niet of niet geheel zullen plaatsvinden;
indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager niet zal voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording zal afleggen omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn;
indien het beschermd gemeentelijk monument of het rijksmonument, indien van een ingrijpende verbetering sprake is, na de werkzaamheden, in zijn geheel beschouwd, niet meer voldoet aan de eisen die volgens wettelijke voorschriften aan het beschermd gemeentelijk monument en rijksmonument moeten worden gesteld;
indien het beschermd gemeentelijk monument of het rijksmonument na de werkzaamheden uit een oogpunt van monumentenzorg of de monumentencommissie niet meer aan redelijke eisen van de monumentencommissie voldoet;
**6.2.** Het college kan de subsidieverlening weigeren
indien reeds een begin is gemaakt met de werkzaamheden zonder zijn toestemming;
indien de aanvraag een subsidie € 250,-- of minder betreft.
Artikel 6.