**1..** Het dagelijks bestuur maakt jaarlijks een ontwerp-begroting van inkomsten en uitgaven voor het komend boekjaar op, welke is voorzien van een toelichting en de nodige specificaties, waaronder overzichten van de ramingen van bijdragen van de gemeenten en van de opbrengsten van de verrichtingen die op tariefbasis aan de gemeenten en derden in rekening worden gebracht.
**2..** De bijdragen van de gemeenten als bedoeld in het vorige lid voor de basisproducten als bedoeld in artikel 4 worden vastgesteld op basis van en naar rato van het aantal inwoners per 1 januari van het jaar voorafgaande aan het boekjaar conform de door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerde bevolkingscijfers.
**3..** De overige opbrengsten van de gemeenten en derden worden bepaald op basis van tarieven per verrichting.
**4..** Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële kaders en de beleidsmatige kaders aan de raden van de deelnemende gemeenten. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting acht weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden toe aan de raden van de gemeenten, die vervolgens binnen acht weken na ontvangst het dagelijks bestuur van hun zienswijze omtrent de ontwerpbegroting kunnen doen blijken, een en ander overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 34b en 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
HOOFDSTUK VI
Artikel 27