Vanuit eigen informatie en/of
Vanuit informatie van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC en/of,
Vanuit een tip van de Officier van Justitie op grond van artikel 26 van de Wet Bibob,
er duidelijk aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen dat bij de aanvraag sprake is van een ernstige mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet.
de aanvraag tot wijziging van het aanhangsel van de drank- en horecavergunning
(artikel 30a Drank- en Horecawet)
de aanvraag om drank- en horecavergunning voor paracommerciële instellingen
(artikel 4 van de Drank- en Horecawet) en voor slijterbedrijven (artikel 3 van de
Drank- en Horecawet);
aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten (artikel 30b van de Wet op de Kansspelen);
omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten (artikel 2.1, lid 1, onder a van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht);
omgevingsvergunning voor milieuactiviteiten (artikel 2.1, lid 1, onder e van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht);
omgevingsvergunning beperkte milieutoets (artikel 2.1, eerste lid onder i van de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht);
alle gemeentelijke vergunningen/of ontheffingen die op grond van een verordening verplicht is gesteld voor een inrichting of bedrijf;
aanvraag evenementenvergunning (artikel 25 van de Algemene plaatselijke verordening Veere);
de aanvraag en/of intrekking van een beschikking over een subsidie.
Ook zal een Bibob-toets plaatsvinden als bij navraag bij het Landelijk Bureau Bibob blijkt, dat tegen de aanvrager van een beschikking, in de afgelopen twee jaar advies is uitgebracht of een adviesaanvraag in behandeling is genomen bij het bureau.
Artikel 2.2.2.
Bij onderstaande aanvragen om een beschikking vindt de Bibob-toets alleen plaats als bij die aanvraag:
Onderdeel van Beleidslijn Bibob 2014 Veere