Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 8.

Aanvullende criteria PGB

Onderdeel van Besluit nadere regels Jeugdhulp gemeente ‘s-Hertogenbosch 2021

Een PGB kan worden verstrekt als naar oordeel van het college is gewaarborgd dat de ondersteuning van goede kwaliteit is. Het college toetst vooraf door middel van een PGB-plan zoals bedoeld in artikel 10 lid 1 Verordening of de kwaliteit van de voorzieningen die de aanvrager van het budget wil betrekken voldoende is gegarandeerd. De belangrijkste eisen zijn dat de zorg veilig, doeltreffend en cliëntgericht geleverd wordt. Algemene PGB criteria: De jeugdhulp die met PGB wordt gefinancierd, leidt in het geval van de aanvrager tot tenminste even effectieve en doelmatige ondersteuning dan Zorg in natura; De regie en het beheer van het PGB mag niet worden neergelegd bij de PGB-hulpverlener; De aanvrager van het PGB mag als vertegenwoordiger het PGB niet aan zichzelf uitkeren als zijnde de PGB-hulpverlener. Dit is niet van toepassing indien de PGB hulpverlener in de eerste graad tot de jeugdige staat; De aanvrager van het PGB en de PGB-hulpverlener sluiten een zorgovereenkomst (model van de Sociale Verzekeringsbank) met daarin tenminste de afspraken over looptijd van de overeenkomst, omvang uren en werktijden, de vergoeding en de wijze van declareren; De PGB-hulpverlener biedt ondersteuning die voldoet aan de eisen van de van toepassing zijnde wet- en regelgeving; De PGB-hulpverlener kan de grenzen van het eigen kunnen en bevoegdheden inschatten en aangeven wanneer andere ondersteuning dan de door hem/haar geleverde ondersteuning gewenst is; De PGB-hulpverlener zorgt voor verslaglegging van de resultaten en is bereid deze op verzoek van het college te tonen; Iedere PGB-budgethouder legt verantwoording af over (de besteding van) het PGB; De controle van de verantwoording van het PGB door de budgethouder aan het college kan steekproefsgewijs plaatsvinden na afloop van de verstrekking dan wel na afloop van enig kalenderjaar.  De controle richt zich op de besteding van het doel van het PGB. Er vindt geen controle plaats of het aantal geïndiceerde uren ook overeenstemt met het aantal door de PGB budgethouder ingekochte zorguren; Indien uit de gegevens van de sociale verzekeringsbank blijkt dat binnen een half jaar geen besteding heeft plaatsgevonden, vindt in overleg met de PGB-budgethouder en/of de jeugdigen en zijn ouder(s) plaats of beëindiging of omzetting naar hulp in natura nodig is; De gemeente controleert het gebruik van het persoonsgebonden budget per kalenderjaar. Bij onderbesteding > 25% volgt een overleg met de PGB budgethouder naar de oorzaak van de onderbesteding; Vrijbesteedbaar bedrag binnen PGB (2021): is bedoeld voor (kleine) uitgaven en administratieve kosten die te maken hebben met het PGB.  Ook de kosten voor arbeidsbemiddeling van een bemiddelingspartij (met een Per Saldo Keurmerk), vallen hieronder; is maximaal 1,5% van het toegekende PGB, met een minimum van € 250,- en maximum van € 1250,- per jaar; wordt niet voorafgaand aan besteding door de sociale verzekeringsbank gecontroleerd; de PGB-budgethouder kan het vrij besteedbare bedrag in één keer of verspreid over meerdere momenten declareren. De sociale verzekeringsbank laat aan de PGB-budgethouder weten wanneer dit mogelijk is en hoe de budgethouder dit kan doen. PGB voorwaarden formele hulp: De PGB-hulpverlener moet geregistreerd staan in het Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) of in het register voor Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG); De PGB-hulpverlener verleent verantwoorde hulp, waaronder wordt verstaan hulp van goed niveau, die in ieder geval veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend en die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of ouder(s). De PGB-hulpverlener organiseert zich op zodanige wijze, voorziet zich kwalitatief en kwantitatief zodanig van personeel en materieel en draagt zorg voor een zodanige verantwoordelijkheidstoedeling. De PGB-hulpverlener neemt bij zijn werkzaamheden de rol van een goed hulpverlener in acht en handelt daarbij in overeenstemming met de op hem rustende verantwoordelijkheid, voortvloeiende uit de voor die hulpverlener geldende professionele standaard zoals genoemd in artikel 4.1.1. Jeugdwet; De PGB-hulpverlener voldoet aan de voor hem van toepassing zijnde minimumeisen zoals vastgelegd in het Productenboek Inkoop Gespecialiseerde Jeugdhulp Regio Noordoost Brabant 2021; De kwaliteit van de voorziening moet voldoende zijn om de gestelde doelen te kunnen realiseren. De geleverde voorziening wordt afgestemd met de persoonlijke situatie van de aanvrager en eventuele andere vormen van hulp/zorg in het gezin; De PGB-hulpverlener heeft een kwaliteitssysteem (ISO of HKZ) of in het geval van zelfstandige zonder personeel (zzp) wordt er gewerkt aan kwaliteitsverbetering (zoals bijscholing); De PGB-hulpverlener beschikt over een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) voor natuurlijke personen die niet eerder is afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip, waarop de PGB-hulpverlener voor de instelling ging werken of als zelfstandige zonder personeel. De PGB-hulpverlener is bereid deze op verzoek van het college te tonen; De PGB-hulpverlener is aangemeld bij het Inspectieloket Sociaal Domein. Zodra de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) in werking is getreden, is de hulpverlener aangemeld bij Inspectie Gezondheid en Jeugd; De PGB-hulpverlener is bekend met en maakt indien nodig gebruik van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling; De PGB-hulpverlener doet melding van iedere calamiteit of geweld die bij de verlening van jeugdhulp of bij de uitvoering ervan plaatsvindt; De PGB-hulpverlener houdt een klachtensysteem bij en neemt, indien nodig, aantoonbaar passende maatregelen; De PGB-hulpverlener handelt volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG); Onderaannemerschap is niet toegestaan. PGB voorwaarden informele hulp: Er is sprake van een langdurige, omvangrijke en frequente ondersteuningsvraag waarbij geen specifieke deskundigheid is vereist; De kwaliteit van de hulp die de PGB-hulpverlener biedt, is passend en toereikend gelet op de problematiek en ontwikkelingsdoelen van de jeugdige; Bij de PGB-hulpverlener is geen sprake is van dreigende overbelasting; Als het college dit nodig acht in het kader van de veiligheid van de hulpverlening, kan het college bepalen dat de PGB-hulpverlener beschikt over een VOG die niet eerder is afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip waarop deze PGB-hulpverlener is gestart met het bieden van de hulpverlening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel