Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Kostenverhaal

Onderdeel van Nota Grondzaken 2021

In de Nota grondbeleid, die door de gemeenteraad is vastgesteld, zijn de kaders voor het toepassen van kostenverhaal vastgelegd. In juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders de concrete vertaalslag hiervan naar een interne werkwijze vastgesteld. Door deze werkwijze toe te voegen aan deze nota grondzaken wordt de uitvoeringsgerichte beleidsinhoud van het vakgebied grondzaken gebundeld in één beleidsnota. Voor het ontwikkelen van locaties maakt de gemeente kosten, bijvoorbeeld voor de aanleg van de openbare voorzieningen (wegen, groen, verlichting enz.) en de voorbereiding van het bestemmingsplan. Om ervoor te zorgen dat deze kosten niet voor rekening van de gemeente komen, maar voor degene die initiatiefnemer is van de te ontwikkelen locatie, verhaalt de gemeente deze kosten op die partij. Dit gebeurt via de uitgifte van bouwgrond (bij actief grondbeleid) of via een anterieure overeenkomst of exploitatieplan (faciliterend grondbeleid). Bij kostenverhaal is onderscheid te maken tussen gebiedseigen en gebiedsoverstijgende kosten. Gebiedseigen kosten zijn kosten die worden gemaakt voor de te ontwikkelen locatie zelf. Gebiedsoverstijgende kosten zijn kosten die zijn toe te rekenen aan meerdere ontwikkellocaties. Gebiedseigen kosten Gebiedseigen kosten zijn de kosten die worden gemaakt voor nieuwe bouwplannen in het exploitatiegebied. Deze kosten zijn volledig toerekenbaar aan het nieuwe bouwplan. In het Besluit ruimtelijke ordening is vastgelegd welke soorten gebiedseigen kosten voor kostenverhaal in aanmerking komen. Tot deze kosten behoren bijvoorbeeld alle kosten om het exploitatiegebied bouwrijp te maken, kosten voor de inrichting van de openbare ruimte, de plan- en procedurekosten en de ambtelijke uren. De verschillende soorten kosten worden op basis van de door de gemeente te maken kosten verhaald. Wat betreft het verhalen van de ambtelijke uren wordt het volgende opgemerkt. Om gemeenten een richtlijn te bieden welke en hoeveel ambtelijke uren maximaal in rekening mogen worden gebracht, is de wettelijke regeling ‘Regeling plankosten exploitatieplan’ vastgesteld. Voor de toepassing van deze wettelijke regeling is een rekentool ontwikkeld waarmee de te verhalen ambtelijke uren per project kunnen worden berekend. In de Regeling plankosten exploitatieplan (verder: regeling) is voor kleine bouwplannen een maximaal te verhalen bedrag aan plankosten vastgesteld. Dit geldt onder andere voor de bouw van één woning. Voor bouwplannen met meerdere woningen is het maximaal te verhalen bedrag aan plankosten dus niet gemaximeerd. De regeling (en de rekentool) gaat uit van de fictie dat de gemeente het plan ontwikkelt en dus alle kosten maakt. In het geval dat de initiatiefnemer zelf werkzaamheden verricht en hiervoor kosten maakt, is in de wettelijke regeling bepaald dat het resultaat van de rekentool moet worden verminderd met een correctiefactor van maximaal: 60% voor de kosten voor het maken van het bestemmingsplan; 80% voor de te maken civiele en cultuurtechnische werken; 90% voor de overige producten. In Meierijstad wordt als volgt invulling aan gegeven aan bovenstaande wettelijke bepalingen: Voor plannen met één of twee woningen wordt gewerkt met een vast bedrag. Bouwplannen voor één en twee woningen zijn relatief eenvoudig en vragen een beperkte ambtelijke inzet. Vandaar dat bij een bouwplan met één woning wordt gewerkt met een vast bedrag, waarbij is aangesloten enerzijds bij het maximale bedrag aan plankosten voor één woning zoals opgenomen in de regeling en anderzijds bij het bedrag uit legesverordening voor een buitenplanse afwijking. Voor een tweede woning moeten aanvullende toetsingswerkzaamheden worden uitgevoerd waardoor het vaste bedrag hoger is. Vanaf drie woningen worden plannen complexer. Dit vraagt meer integrale afwegingen, onder andere op het gebied van stedenbouw en mogelijke aanpassingen of toevoeging van het openbaar gebied. Voor deze plannen geldt een minimaal bedrag, wat toeneemt naarmate de complexiteit van een project toeneemt. Voor de berekening van het bedrag aan ambtelijke uren wordt toepassing gegeven aan de regeling door de projectspecifieke kenmerken in te voeren en de correctiefactor met maatwerk te bepalen. Bij andere aangewezen bouwplannen dan woningbouwplannen wordt maatwerk toegepast waarbij de regeling als uitgangspunt wordt gehanteerd en waar als minimum bedrag het bedrag van één woning geldt. De vaste bedragen die worden gehanteerd staan vermeld in bijlage 3 bij deze nota. Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd conform de inflatiedoelstellingen van de Europese Centrale Bank. Gebiedsoverstijgende kosten Gebiedsoverstijgende kosten zijn kosten die zijn toe te rekenen aan meerdere ontwikkellocaties en eventueel aan bestaand gebied. Dit type kosten behoort dus niet toe aan één plan, maar dit zijn kosten van investeringen waarvan meerdere plangebieden profijt hebben en die dus aan meerdere gebieden toerekenbaar zijn. Het zijn bijvoorbeeld kosten voor infrastructurele maatregelen zoals een rotonde waarvan twee plangebieden profijt hebben. De gebiedsoverstijgende kosten waarvoor geen structuurvisie is vereist, worden voor zover als mogelijk per ontwikkeling verhaald. Het gaat hierbij om de kosten voor bovenwijkse voorzieningen, waarvan meerdere plangebieden profijt hebben, zoals wegen en groenvoorzieningen. Omgevingswet en Aanvullingswet grondeigendom In het kader van de Omgevingswet ligt de nieuwe wetgeving over grondeigendom en kostenverhaal vast in de Aanvullingswet grondeigendom. Komend jaar zal de nieuwe wetgeving worden vertaald naar het kostenverhaal in Meierijstad.

Rechtspraak bij dit artikel