Het geluidsniveau wordt gemeten volgens het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) als bedoeld in artikel 1.1 van het Activiteitenbesluit, met dien verstande dat op de meting geen bedrijfsduurcorrectie en geen muziekcorrectie van toepassing is, en het geluidsniveau wordt gemeten op de dichtstbijzijnde gevel van een gevoelig gebouw gedurende minimaal 1 minuut, exclusief gevelreflectie, voor zover in deze verordening niet anders is bepaald.
Het geluidsniveau wordt in de dagperiode (07.00 uur – 19.00 uur) beoordeeld op een hoogte van 1,5 tot 2 meter boven het maaiveld ter plaatse, en in de overige perioden (19.00 uur – 07.00 uur) op 5 meter boven het maaiveld ter plaatse, tenzij de omstandigheden reden geven om een andere hoogte te nemen, dit laatste ter beoordeling van degene die door of namens het college belast is met de meting.
Op de bepaling van het geluidsniveau en de toetsing aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde geluidsniveau is van overeenkomstige toepassing hetgeen in artikel 2.18 lid 1, 2 en 3 van het Activiteitenbesluit is bepaald, met dien verstande dat het geluid van onversterkte muziek geheel buiten beschouwing blijft.
HOOFDSTUK › Paragraaf
Artikel 3:20
Bepaling van geluidsniveau bij evenementen
Onderdeel van Verordening Leefomgeving Midden-Drenthe 2020