Het is verboden in de buitenruimten van een inrichting in de zin van artikel 1:2 van het Activiteitenbesluit onversterkte muziek ten gehore te brengen voor zover dit deel uitmaakt van de bedrijfsvoering waarvoor de melding als bedoeld in artikel 1.10 van het Activiteitenbesluit is gedaan.
Het eerste lid geldt niet voor zover voor de activiteit een melding is gedaan in de zin van artikel 2.21, lid 1 aanhef en onder b van het Activiteitenbesluit.
Het college kan van het verbod in het eerste lid ontheffing verlenen. Ontheffing van het verbod is alleen mogelijk voor het ten gehore brengen van onversterkte muziek op terrassen van horeca-inrichtingen, indien en voor zolang de noodmaatregelen ter voorkoming van verdere verspreiding van het coronavirus/COVID-19 van kracht zijn en voor zover de noodmaatregelen en het bestemmingsplan gebruik van de ontheffing toelaten. Aan de ontheffing kan het college voorwaarden verbinden.
HOOFDSTUK › Paragraaf
Artikel 3:9
Geluidhinder onversterkte muziek in buitenruimten van inrichtingen
Onderdeel van Verordening Leefomgeving Midden-Drenthe 2020