Het is verboden landbouwplastic op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben, tenzij wordt voldaan aan de volgende regels:
de landbouwplastic mag niet herhaaldelijk willekeurig worden opgeslagen, zonder dat het feitelijk in gebruik is.
de rollen landbouwplastic, inclusief afdekking, steken maximaal 1 meter boven het aan de opslaglocatie grenzende grondniveau uit. Om aan de maximale toegestane hoogtemaat te voldoen, is het gedeeltelijk ingraven van de rollen in de gevallen waarin dit nodig is toegestaan;
de rollen landbouwplastic worden volledig afgedekt door middel van een grondlaag of een camouflagezeil;
bij gebruik van een camouflagezeil, wordt om geluidsproductie door het trillen van het zeil te minimaliseren en het wegwaaien van het zeil te voorkomen dit zodanig aangebracht zodat het nauw aansluit op de rollen landbouwplastic.
de opslag van de landbouwplastic vindt plaats op het gedeelte van het perceel dat vanaf de openbare weg (en) niet zichtbaar is. Als het perceel volledig zichtbaar is vanaf de openbare weg, wordt de landbouwplastic opgeslagen op de locatie die het verst van de openbare weg is gelegen.
Bij het opslaan van de rollen landbouwplastic moet een minimale afstand van 100 meter in acht worden genomen ten aanzien van bestemmingen waarin personen een al dan niet permanente verblijfplaats hebben. Als een al dan niet permanente verblijfplaats wordt in ieder geval aangemerkt:
woningen;
bedrijfswoningen;
campings, en;
recreatieparken
zoals bestemd in het bestemmingsplan.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2:1